Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

de eedsverandering voorloopig te weigeren 1). In een uitvoerig schriftelijk antwoord2) voor Nyenburch verklaarde zij zich bereid hare gedeputeerden alsnog naar den Prins te zenden voor de eedsafname en -aflegging en „dien volgende tot veranderinge van den eedt met die dependentiën van dien te procederen", mits haar maar door de Staten de acte dato 15 Juli zou worden verleend3). Hoewel Nijenburch 12 September zelf in de Vroedschap verscheen, bleef de Amstêrdamsche regeering bij haar besluit volharden4). De Staten schijnen zich verder voor de eedsverandering maar geen moeite meer te hebben gegeven; ze vleiden zich waarschijnlijk met de hoop op eene spoedige beslechting van de Satisfactiequestie 5).

Het bevel van de Staten, 16 Augustus aan de „Officieren ende Magistraten van alle Steden ende Vlecken binnen Hollandt" gezonden, om alle „aenkomende Schutteren, Poorteren, ende Burgeren aldaer" den eed van trouw te doen afleggen aan den Prins van Oranje, „als representerende, ende hem Staets-gewyse gedefereert zynde de Hooge Overigheydt, endé de Regeringhe van de voorsz GraeffeUjckheydt ende Landen van Hollandt, Zeelandt, ende Vrieslandt", zal in Amsterdam ook wel niet zijn opgevolgd6).

26 Augustus besloot de Vroedschap de publicatie van het plakkaat der Staten-Generaal „opt verlaten vanden name ende zegele variden Coninck" slechts toe te laten „onder

1) Res. Vr. No. 4, fol. 166 : 22 Aug. 1581.

2) Het werd opgesteld o.a. door Reynier Cant, Dr. Martin Jansz. Coster, Egbert Roelofsz. en Balthasar Simonsz. Appelman, die allen korter of langer de onderhandelingen in Den Haag over de eedsverandering hadden bijgewoond. Res. Vr. No. 4, fol. 166; hiervoor, bl. 77, noot 2.

») Res. Vr. No. 4, fol. 166 v«—168: 24 Aug. 1581. *) Res. Vr: No. 4. fol. 174 v°: 12 Sept. 1581.

6) De eedsaflegging stuitte ook elders op bezwaren af, bijv. in Gouda (Res. St. v. Holl. 1582, bl. 37 en 38 : 25 Jan. nam.) en Enkhuizen (t.a.pl. bl. 21 en 22 : 22 Jan.)

") Res. St v. Holl. 1581, bl. 421: 16 Aug. Als missive in Arcbr. Burg. 11: Missiven van de Staten van Holland, 1572—1680.

Sluiten