Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

gaan beschouwen1). Het lag toen in Naarden, Muiden en Weesp2). In het laatst van Juli vertrok Cater uit Weesp, •(en Muiden?) en werd daar — op verzoek van Zijne Excellentie — vervangen door een om de drie dagen wisselend contingent van vijftig a zestig Amstêrdamsche schutters, onder geleide van een Vroedschapslid 3). Reeds 5 Augustus was Cater weer in Muiden (en Weesp?) terug, maar werd onmiddellijk door de Amstêrdamsche regeering naar Arnhem gezonden, dat „geheel van soldaten [was] gebloot". Om de Burgemeesters van Arnhem en de Staten van Utrecht te believen, zien wij de stedelijke regeering eigenmachtig over het vendel van Cater, als over een der hunne, beschikken4).

In Augustus 1581 kunnen we dus waarschijnlijk weer spreken van vier Amstêrdamsche vendels, nml. van die van Neck en Vos binnen, van die van Rodenburgh en Cater buiten de stad. Waarschijnlijk toen alle — tenminste op papier — 150 man groot5).

1) Opmerking verdient het, dat reeds in de ontworpen artikelen tot afstand van de Satisfactie van'26 Maart 1580 over Cater gesproken was. De Burgemeesters wenschten toen, dat hij „tot bewaernisse" van Muiden en Weesp gesteld zou worden, „als by Zyn Excellencie daar toe gecommitteert, ten waere Zyn Excellencie hem onbequaem daer toe kende, in welcken gevalle een ander daer toe gestelt zall worden, met wyens getrouwicheyt Burgemeesteren voornoemt te vreden zullen zyn ende voor getrou kennen."

31 Maart was er nog bijgevoegd: „Ende oft gebeurde dat hopman Cater quaeme te overlyden dat Burgemeesteren over tsteüen van een ander mede zullen bewillighen." Res. Vr. No. 4, foL 106. Hiervoor, bl. 51.

2) Res. St. v. Holl. 1581, bl. 127:11 April nam; bl. 131 en 132:12 April. — Res. Vr. No. 4, foL 163 v«: 29 Juli 1581,

3) Res Vr. No. 4, fol. 163 v<>: 29 Juli 1581.

4) Res. Vr. No. 4, fol. 163 v° en 164: 5 Aug. 1581. De Burgemeesters deelden aan de Vroedschap mee, dat er gevraagd was om „een vendel van onsen soldaten." De Vroedschap besloot, „datmen die voorsz stadt Aernhem met een vendel zall secoureren, ende zoe mynen Heren verstaen dat hopman Cater weder tot Muyden es gecommen Verstaen den Raeden dat eenen vande Burgemeesteren by hem zal trecken' omme hem te verwillighen met zyn knechten tot Aernhem voorsz te reysen."

5) De compagnie van Cater was waarschijnlijk sedert December 1580 ook

Sluiten