Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Het proces schijnt niet lang daarna voor het Hof van Holland aanhangig gemaakt te zijn1): reeds in Juli 1579 werd het tijdelijk gedurende een drietal weken, op bevel van de Staten van Holland, geschorst, toen Mr. Francois Maelson, die de belangen zijner vaderstad voor het Hof verdedigde, naar Utrecht afgevaardigd werd2). Hoewel hervat, had het proces steeds een kwijnend verloop; tot eene uitspraak schijnt het nooit gekomen te zijn.

De Amstêrdamsche regeering trachtte inmiddels ook langs den weg van onderhandeling de paalkist te herkrijgen. De Prins — hoe geneigd ook tot het inwilligen van Amstêrdamsche wenschen — was haar hierbij echter niet behulpzaam: in zijne tweede uitspraak schijnt bij van de paalkist niet gerept te hebben, hoewel de stedelijke regeering in de ontworpen artikelen van Maart 1580 de paalkist onder hare oude privileges had trachten hersteld te krijgen3).

Sedert legde de Amstêrdamsche regeering zich bij den bestaan den toestand neer: in het ontwerp van November maakte zij onderscheid tusschen het recht van de paalkist en de overige privileges4). De clausule over de paalkist is woordelijk overgegaan in het Accoord tot afstand van de Satisfactie, waar we lezen in art. 16: „So vele aengaet het Artijckel inde Satisfactie sprekende vande Pael-kiste, alsoo daer van proces voor den Hove van Hollandt is hanghende, sullen partyen hinc inde daer op blijven in haer goet recht" 5).

De regeering van Enkhuizen vondi dat het heele artikel uit het Accoord geroyeerd behoorde te worden; ze verwonderde zich, dat de Amstêrdamsche magistraten „dies aengaende" nog „eenige questien" maakten, „aengemerckt de

dezen maatregel niet te hebben aangeraden; over de toepassing is ons althans geen enkel bericht bewaard.

1) De juiste datum is mij niet bekend.

2) Algemeen Rijksarchief: Hof 382: Missives Register 2, foL 265 v°.

3) Hiervoor, bl. 55.

■») Hiervoor, bl. 99: art 12. 5) Handvesten I, bl. 49.

Sluiten