Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

eene geünieerde provincie die goederen (nml. „coopmanschap off andere gelycke gemeene goederen") op andere geünieerde provinciën gaende nyet en (behoorde) te beswaren". De stedelijke regeering vreesde, en niet ten onrechte, dat de binnenlandsche convooien, indien die alleen in Holland geheven werden, diverteering van nering zouden kunnen veroorzaken. Eene uitzondering wilde zij alleen maken voor turf; van dat artikel mocht wel een zekere impost geheven worden, daar „het delfven ende vuytslach vanden turf f tot particulyere bederff van Hollant es streckende, daer inne haer naemaels ende in toecomenden tijden nyemant te bate zall commen"1).

In het voorjaar van 1580 droegen de Staten van Holland aan hunne gedeputeerden naar de Staten-Generaal in Antwerpen op, wegens de groote oorlogskosten op heffing van binnenlandsche convooien aan te dringen. Daarmee beoogden de Staten een dubbel doel: ten eerste zou de opbrengst dienen voor de oorlogslasten, ten tweede zou men door deze contributie alle frauden, die in de heffing der buitenlandsche convooien voorkwamen, kunnen verhoeden 2).

De Prins van Oranje was ook niet afkeerig van eene dergelijke heffing: daar een voorstel van de Generaliteit om ten behoeve van de ammunitie twee stuivers op elke ton bier te heffen door Gelderland, Overijsel, Holland en Friesland afgeslagen was, „als aldaer prejudiciabel of niet practicabel zijnde", moest er op andere wijze geld verschaft worden. Met het voorstel van de Staten van Holland om te verstrekken „den twintighsten penningh vande quotisatie" kon de Prins zich niet vereenigen. Hij sloeg daarom in de Staten-Generaal voor „seeckere Lijst op de Goederen gaende na de Geünieerde Provinciën, daer op ghestelt te mogen worden" 3). De Staten

*) Res. Vr. No. 4, fol. 61 V> en 62:11 Juni 1579. — Het delven en het baggeren van turf (cf. Mnl. Wdb. slachturf = baggerturf; slachturven = vervenen, turven door middel van baggeren, niet door delven) golden beide als schadelijk.

2) Res. St. v. Holl. 1580, bl. 53:5 April; bl. 68 en 69:21 April. — Over die frauden, hierna, bl. 159, noot 3. s) Res. St. v. Holl. 158Ó, bl. 127:2 Juli; bL 67 :21 ApriL

Sluiten