Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

huur zouden vrijgesteld worden, „alzoe binnen deser stede gheen huysen off zeer weynich van 20 gulden voor een ambachtsman te huyer zyn, daer in andere steden een ambachsman een huys omme thyen gulden can gehuyeren" 1).

De Staten waren voornemens de contributie over 1580 te heffen volgens de kohieren gemaakt voor die van 1579. Daar deze echter niet tijdig genoeg gereed konden zijn» ried de Prins van Oranje aan nogmaals bij provisie den halven honderdsten penning op den voet van 1569 te doen opbrengen; het te veel betaalde zou—na het gereedkomen der kohieren—ingehouden kunnen worden van den nog te betalen tweeden termijn 2).

Nog vóór zelfs met deze provisioneele heffing een begin gemaakt was, moest de contributie reeds verdubbeld worden. Daar dé* vijand eenige kwartieren van de Geünieerde Provinciën overvallen had, die daardoor hunne quote niet konden opbrengen, moest Holland zijn aandeel, groot f 80.000-per maand, wel voorloopig gedurende eenige maanden vermeerderen. Daar die vergrooting wel minstens een derde gedeelte zou bedragen, besloten de Staten over 1580 niet een hónderdsten, maar een vijftigsten penning te heffen, te betalen voor de eene helft op St. Jacob of 25 Juli, voor de andere op Allerheiligen, volgens de kohieren van 1579 3). 'De Amstêrdamsche regeering stemde in deze verdubbeling toe op voorwaarde, dat aan haar burgers evenveel achterstallige renten betaald zouden worden als aan de ingezetenen van andere steden; zij wilde ook bedingen, dat zij — ingeval de questie van de oude schulden „int vruntlick als nu bij tusschen spreecken van Zyn Excellencie nyet en werde verleecken" — de helft van den vijftigsten penning tot aan de definitieve beslissing van dat geschil zou mogen inhouden 4).

Hoewel met deze voorwaarden geene rekening gehouden

*) Res. Vr. No. 4, fol. 129: 20 Aug. 1580.

2) Res. St. v. Holl. 1580, bl. 22 en 23: 3 Febr. nam. — De kohieren van 1569 waren natuurlijk hooger dan die van 1579 zouden worden: in den oorlog waren veel huizen verwoest en landen onbruikbaar geworden.

h Res. St. v. Holl. 1580, bl. 47 en 48: 31 Maart.

4) Res. Vr. No. 4, fol. 107 v» — 108 v°: 27 Maart 1580. De Amstêrdamsche

Sluiten