Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

om na voltooiing der ziekenzaal haar eigen convent weer te betrekken, „alzoe geensints verstaen wordt (men) die zall deposseren"J). Terwijl den 8en geresolveerd werd, dat de Cellezusters haar woningen tijdelijk zouden moeten ruimen en dat men ze „by heure vrunden off elders" zou „doen . logeren", werd drie dagen later besloten, deze nonnen „buyten (te) accommoderen", als het niet mogelijk bleek beide groepen conventualen „byden anderen (te) gevoughen" 2).

In het jaar 1589 treffen we de Clarissen opnieuw in haar klooster aan; de Cellezusters woonden toen waarschijnlijk ook weer in de aangrenzende huisjes; mogelijk is ook, dat zij toen mede in het Clarissenklooster gevestigd waren 3). De Clarissen en de Cellezusters maakten zich destijds schuldig aan overtreding van het verbod tot uitoefening van den Katholieken eeredienst, bij plakkaat van 9 Maart van hetzelfde jaar nog eens vernieuwd4). Dagelijks heten zij in haar klooster „die pauselicke religije" „exerceren" „zoe met missen als andere superstitiën"; ja wat nog erger was, zij hadden buiten weten van de Burgemeesters, thesaurieren en fabriekmeesters „diversche sloten ende ijseren glenders... aende kercke ende deuren" laten maken en eene hooge schutting laten zetten om de over-

!) Res. Vr. No. 5, fol. 407 en 408: 8 Nov. 1586. — We zullen ons moeten voorstellen, dat de woningen der Cellezusters bij het Clarissenklooster zullen hebben gelegen. Het hiervoor (bl. 250 en noot 1) besproken „huysgen voor die Clarissen" zal er één van geweest zijn.

2) Res. Vr. No. 5, fol. 408: 11 Nov. 1586.

8) Daar het aan Klönne onbekend was, dat de Cellezusters sedert 1582 (hiervoor, bl. 250 en noot 1) niet meer in haar eigen klooster — zelfs niet meer in een klein deel daarvan — woonden, heeft hij het ten onrechte doen voorkomen, dat deze nonnen de overtreding van het verbod tot uitoefening van den Katholieken eeredienst in haar eigen kloosterkapel hadden gepleegd. In de dok door hem afgedrukte vroedschapsresolutie is daarenboven duidelijk sprake van één kerk en één convent, nml. de kapel en het klooster der Clarissen. B. H. KlöNMB: Amstelodamensia. Het lot der kloosterlingen' (1578) Vervolg, bl. 27r~vl. (De Katholiek, deel CVI).

*) Res. Vr. No. 6, fol. 197 : 28 April 1589: er werd besloten de publicatie van net plakkaat toe te laten „onder protestatie dat schepenen die penen zullen mogen tegens den overtreders modereren, etc.

Sluiten