Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

zou kunnen worden tot het opbrengen van belasting of het verschaffen van geld 1).

De stedelijke regeering maakte in November 1579 haar toestemming in het opbrengen van f 46.000 onder meer afhankelijk van eene ordonnantie aan den ontvanger van het gemeene land Jacob Muys „van (den Amsterdamschen) burgeren sulcke betaelinghe van heuren renten te doen als den burgeren vanden anderen steden in Hollandt gedaen es met interdictie van nyemant enighe vordere betaelinghe te doen voor (den Amsterdamschen) burgeren heur betaelinghe als vooren gedaen zall zijn" en van dergelijke bevelen aan de rentmeesters Colterman en Kyes in Haarlem. De Staten zouden aan de pachters van de imposten in Amsterdam, „gedestineert tot betaelinghe van des gemeen lants renten" eene generale ordonnantie moeten geven, opdat de burgers uit de opbrengst zooveel mogelijk betaald zouden worden2).

Ditmaal hadden de stedehjke magistraten succes: de Burgemeesters verkregen van Jacob Muys commissie op Claes Simonsz. van Leiden (d. i. Claes Simonsz. van Heemskerck)3) „omme metten penninghen comende ende procederende vant gemeen lants imposten als van wollen ende zyen laecken vande turff ende vande vier stuvers op yeder tonne bierste betalen den renten vanden burgeren deser stede opt gemeen Lant van Hollant houdende." 18 December 1579 werd bij klokkenslag bekend gemaakt, dat ieder, die rentebrieven op het gemeene land bezat, aan Claes Simonsz. van Heemskerck vóór Kerstmis aanstaande zou moeten opgeven, hoeveel jaar achterstalhge rente hij nog te vorderen had4).

Na Kerstmis 1579 zal de betaling van een deel der achterstalhge rente wel geschied zijn; daar de Staten 16 Januari

!) Res. Vr. No. 4,,fol. 89 en v°: 13 Nov. 1579; foL 107 v° — 108 v°: 27 Maart 1580.

2) Res. Vr. No. 4, fol. 87 v» — 88 v": 9 Nov. 1579.

8) Eli as: De Vroedschap van Amsterdam, I, bl. 76: Claes Simonsz. van Heemskerck, geb, te Leiden. 4) Willekeuren G, fol. 208 en v°: 18 Dec. 1579.

C 18

Sluiten