Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

van dat jaar aan 's-Hertogenbosch beloofd hadden de rente vervallen vóór St. Johannes 1572 en die verschenen tusschen St Johannes 1576 en 1578 te zullen betalen, zijn misschien deze jaren, hetzij geheeL hetzij gedeeltelijk, ook in Amsterdam aangezuiverd ')•

Op eene remonstrantie, door de Burgemeesters overgeleverd en waarin verzocht werd, dat de Staten aan de Amstêrdamsche burgers hunne renten op het gemeene land en de domeinen zouden betalen, hadden deze 28 November 1579 eene appostille gegeven, waarin zij verklaarden in deze questie volgens advies van Zijne Excellentie te willen handelen. De Amstêrdamsche Vroedschap had sedert besloten aan de Staten te verzoeken om aan hunne gecommitteerden, die in Februari 1580 met den Prins de Satisfactie-geschülen zouden gaan bespreken, ook machtiging tot het onderhandelen over de rente-questie te geven2). Daar de eerste uitspraak van den Prins alleen handelt over de vendels en de oude schulden, weten wij niet of aan het verzoek van Amsterdam gehoor gegeven is.

In het ontwerp van Maart 1580 wenschte de Amstêrdamsche regeering haar toetreden tot de oude Hollandsche schulden onder meer afhankelijk te maken van de betaling der achterstallige rente aan haar burgers in gelijke mate als aan andere ingezetenen van Holland, en dat „in aensyene soe wel van heur goet recht als dat zy die lasten geduyerende doorloghe gevallen gemeen ende dubbelt helpen dragen"3). In zijne tweede uitspraak vereenigde de Prins zich daarmede4), tot ergernis van Oldenbarnevelt, die van meening was, dat aan Amsterdam door de vrijstelling van den heelen honderdsten penning van 1578 en den halven van 1579 en de toekenning van de later te betalen f 35.000 reeds meer dan genoeg was toebedeeld. De achterstalhge renten, die de Amsterdammers

1) Res. St. v. HoU. 1579. bL 5: 16 Jan. •

2) Res. Vr. No. 4, fol. 91 v»: 12 Dec. 1579. Res. St. v. Holl. 1579. bl. 295: 28Nov. S) Res. Vr. No. 4, fol. 107 : 26 Maart 1580. Hiervoor, bL 53 en 54.

*) Hiervoor, bL 53 en 54.

Sluiten