Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Omstreeks 1840 herinnerde zich de Socièlè de VHistoire de France dezen oproep van Edmond Richer. En daar zij vernam, dat de Duitsche geschiedschrijver van Jeanne d'Arc, Guido Görres, plannen koesterde aangaande zulk een uitgave, voorkwam zij hem en droeg aan Jules Quicherat, uit de school des Charles, op den tekst van beide processen gereed te maken en den druk te leiden. Het eerste doel verscheen in 1841, het vijfde en laatste in 1849. Quicherat voegde hierbij de Apercus nouveaux in een afzonderlijk deel, Waarin hij zijn oordeel over de geschiedenis en bijzonder over het proces der heldin uitsprak. Zijn ideeën hebben de strekking om Johanna te verlagen en den bisschop van Beauvais te verdedigen. Hierin volgt hij de school van Michelet en Henri Martin.

In het veroordeelingsproces speelt PiëRRE Gauchon een dubbele rol: hij treedt op als rechter en tevens als geschiedschrijver. Als rechter heeft zijn gezag en dat van zijn werk geen waarde. Alles werd later veroordeeld en verworpen. Als geschiedschrijver is het werk van PiëRRE Gauchon volstrekt verdacht; zijn verklaringen kunnen slechts met het grootste voorbehoud ontvangen worden; meermalen heeft de kritiek hem betrapt op verzinsels, dwaling en leugen. In de ondervragingen zijn de antwoorden van de beschuldigde somtijds weggelaten, dikwijls gewijzigd en verminkt.

De zoogenaamde „Kanonieke afzwering" is een uitvinding van Gauchon, eveneens het formulier daarvoor, hetwelk men in het proces leest. De sluiksche overval in de gevangenis, na de eerste veroordeeling, wordt doodgezwegen. De verklaringen van Johanna over het hervatten der mannenkleederen komen in het proces-verbaal van de ondervraging op den 28en Mei niet voor. In de Latijnsche overzetting heeft Thomas de Courcelles vijf verminkingen aangebracht om den lezer te doen gelooven, dat Johanna kanoniek in zake des geloofs had afgezworen. Doodvijand van de gevangene der Engelschen, partijdig geschiedschrijver en rechter, uit alle macht naar de vernietiging en de onteering van zijn slachtoffer strevend, bekroonde PiëRRE Gauchon zijn snood werk door de Information Posthtime, een lasterschrift, dat zelfs de notarissen weigerden te teekenen en in den tekst van het proces op te nemen. Hij had er belang bij al de- daden en de woorden van de aangeklaagde in een valsch daglicht te stellen. Werd er iets gunstigs over Johanna getuigd, dan verzweeg hij het. Mederechters terroriseerde hij met doodsbedreigingen, wanneer zij tegen de onregelmatigheden van het proces bezwaren maakten. Verschillende getuigen verzekerden in het herstellingsproces van 1456 onder eede, dat Cauchon zich in zijn partijdig verslag niet ontzien had om het verloop der gebeurtenissen 1c kleuren en voor te stellen, zooals bef in zijn kraam te pas kwam De antwoorden van Johanna werden niet altijd met de veroisehte nauwkeurigheid opgeteekend. „She

Sluiten