Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

spellingen, welke Johanna zeide van haar Stemmen vernomen te hebben en welke de feiten hebben bewaarheid. De kennis, welke • deze voorspellingen veronderstellen, is klaarblijkelijk bovenmenschelijk, zoo niet bovennatuurlijk. De geschiedschrijvers, die daaruit tot de werkelijkheid van haar bovenmenschelijke openbaringen, de objectiviteit van haar verschijningen en visioenen besluiten, kunnen zich op de eischen der logica en het licht der rede evenals op de leer van het geloof beroepen." (')

Volgens de theorie der Subconscientie zijn er in den mensch verschillende sferen van bewustzijn; deze staan met elkaar in verbinding, maar niet alle wisselingen daarvan worden met bewustheid waargenomen. Die wisselingen nu, welke aan de bewuste waarneming ontgaan, hebben in een sfeer plaats, welke als op den drempel (limen) van het volledig bewustzijn staat; deze sfeer van onbewuste wisselingen heet om deze localisatie of plaatselijke beperking de subliminale consciëntie of subconscientie. Volgens de voorstanders dezer theorie zouden de psychologische elementen, waaruit deze subconscientie is samengesteld, zich als het ware tot een tweede persoonlijkheid verbinden, welke, evenwel steeds onbewust, een menigte van gewaarwordingen, indrukken, strevingen en neigingen verzameld heeft. Als de gelegenheid zich voordoet of als de „spanning" een zekere sterkte en intensiteit heeft verkregen, dan stelt zich die tweede persoonlijkheid in verbinding met het gewone bewustzijn. Uit deze verbinding komen dan de abnormaalste en dolste verschijnselen voort. En zoo wil men met behulp van deze veronderstelling een natuurlijke verklaring aan de feiten geven, die van den gewonen loop der dingen afwijken en waarvoor men geen uitleg weet. Het is echter voor de deskundigen nog niet geheel duidelijk, hoe de inwerking van het on- of halfbewuste op de bewuste waarneming plaats hééft. (') Vierde stelling.

De buitengewone verschijnselen in het leven van Jeanne d'Arc zijn niet het gevolg van de zoogenaamde „subliminale consciëntie of subconscientie". ■

jfc De theorie der subconscientie is tot heden toe volstrekt niet bewezen.

2*. De opbouwers en voorstanders van deze hypothese' gaan uit van een verkeerd beginsel, namelijk, dat er niets bovennatuurlijks bestaat en dat dus alles, wat buitengewoon is en onverklaarbaar schijnt en van den gewonen loop der dingen afwijkt, natuurlijk verklaard moet en kan worden.

3e. Er zijn bovenzinnelijke en bovennatuurlijke dingen, welke

Cl H. Dunand, Jeanne d'Arc in Dict. Apoloqet. de la foi catholi' que, Paris 1914, 1249. (3) J. Grasset, Le Psychisme inférieur. Paris 1906.

Sluiten