Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

stond op, niemand protesteerde. Allen volgden het zwijgen van het Hof,na: zij zwegen. (')

En Rome zelf, heeft Rome het niet geweten? De Heilige Stoel hield zich overigens nauwkeurig op de hoogte van hetgeen er in Frankrijk voorviel. Men ontving voortdurend te Rome koeriers, komend van Parijs, Rouen, Arras, Gambrai en uit de naburige streken, welke, daar zij Johanna, sedert zij gevangen was, hadden zien voorbijtrekken, weerklonken van haar naam, van haar overwinningen en van haar ongeluk.

Deze landstreken, deze bevolkingen waren in de verste verte niet zonder gemeenschap met Rome. Om zich daarvan te overtuigen, is het voldoende het belangrijke werk van Pater Denifle: La Desolation des Ealises de France pendant la Guerre de Cent Ans. 1897, te lezen.

Het is een verzameling van mededeelingen tusschen Frankrijk en het Hof van Rome over de tijdelijke zaken der kerken. Om de reis van Rouen naar Rome te maken had men geen maand noodig. Van Parijs naar Rome was de gemiddelde duur ongeveer twintig dagen. Johanna was een jaar gevangen; het proces duurde vijf maanden. Wanneer Rome het wilde, wist het zijn wil kenbaar te maken omtrent Kerkelijke en politieke feiten, van minder belang, zelfs zonder eerst gevraagd te zijn.

Rome heeft gedurende het proces talrijke kondschappers en geheime boden ontvangen en ten minste een gezantschap van den kant van het Hof van Frankrijk. (*)

Eugenius IV maakte zijn keuze aan Karei VII bekend door een brief van den 12 Maart 1431. Tot antwoord zond Karei VII bovengenoemd gezantschap naar Rome. Kan men veronderstellen, dat deze heeren te Rome niet over het proces van Jeanne d'Arc hebben gesproken, tenzij men aanneme, dat men er over niet heeft willen spreken. Rome is niet veel verder dan Genua, waar men van het nroces wist, dan Milaan, waar men 'van het proces wist, dan Venetië, waar men van het proces .wist. Italianen omgaven Jeanne d'Arc te Gompiègne; een Italiaansch prelaat nam deel aan het proces. Rij Paus Martinus V had een Fransch geestelijke de heldendaden van Johanna bij Orleans kenbaar gemaakt eenige weken, nadat het beleg werd opgeheven. Het is niet waarschijnlijk, dat Rome niets geweten heeft. Rome heeft gezwegen. O

De waarheid is, dat geheel het tijdperk medeplichtig aan de veroordeeling was. Allen, en bijzonder de geestelijken, dewijl het een werk van een Kerkelijke rechtbank was. De eenen dwaalden door de daad en het woord; de anderen door de onthouding en het zwijgen. Daar ligt het. ware mysterie: men moet het aanvaarden, in geheel zijn uitgestrektheid.

Dat een feit, zoo gewichtig in zijn tijd en voor alle tijden, als het ware veronachtzaamd en onopgemerkt is in de oogen van hen, die het vermogen hadden om te zien en om te handelen, vormt den

H Procés, II, 306; III, 179.

O p. Hanotaux, 1. c. p. 246—247.

Sluiten