Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

in haar eer heeft hersteld, heeft zij zich zelve tegengesproken en veroordeeld. En ook nu nog zou zij zich zelve tegenspreken en veroordeelen voor de tweede maal, door de veroordeelde van Rouen onder het getal der Gelukzaligen op te nemen.

De stelling, welke aan deze dubbele beschuldiging tegen de Kerk te gronde ligt, is volstrekt valsch. Het is een feit, door de documenten bewezen, dat de Heilige Stoel zich niet met hel proces der Maagd bemoeid heeft, niet voor, noch gedurende, noch na het proces. Het is een uitgemaakte zaak, dat hij door het Engelsclu» Gouvernement volkomen onkundig van het proces werd gehouden ; hij ontving geen bericht en werd ook niet geraadpleegd. De bestuurders wilden niet tegengehouden of belemmerd worden in de uitvoering van hun wraakplannen door de regeérende Pausen, gelijk koning Philips de Schoone het werd door de tusschenkomst van Paus Glemens V in het proces der Tempeliers. Zij wilden niet, dat hun proces vij jaren duurde. In vijf maanden werd het afgehandeld. De regeérende Paus Eugenius IV ontving eerst bericht daarvan, toen Johanna verbrand was.

De Kerk heeft dus niet Johanna te Rouen veroordeeld. Om dit vol te houden, zou men moeten zeggen, dat Petrus Gauchon de Kerk was. Leden van de Kerk zullen nooit de Kerk zijn.

Een bewijs, dat de moeilijkheid geheel omverwerpt, is de briel van Eugenius IV aan zijn Legaat, den kardinaal van Sainte-Crolx, tegen het einde van April 1431, een maand vóór het drama van dt* Oude Markt. In dezen brief dringt de Paus er bij zijn Legaat op aan, een vreedzame toenadering tusschen de beide koningen van Frankrijk en Engeland te bewerken. Het was toen of nimmer het oogenblik, om in het g'eding van de Maagd tusschenbeide te komen, zoo de Paus er kennis van had gedragen. "Welnu, is den briel wordt over niets van dit alles gerept, noch Johanna, noch hei proces worden er voornoemd. (')

Tweede moeilijkheid. — Maar is de Inquisitie niet verantwoordelijk voor de veroordeeling van Johanna? Waren Petrus Gauchon niet de handen gebonden door de eischen, welke die Kerkelijke rechtbank stelde?

Juist het tegendeel is waar. Dit punt hebben de nieuwste vorschingen der geschiedschrijvers in het volle licht geplaatst. Omdat hij de regels van de Inquisitie niet gevolgd heeft, omdat hij ze brutaal heeft geschonden, heeft de rechter van Jeanne d'Arc het proces met een vonnis van veroordeeling besloten. Zoo de Paus dt, zaak voor zijn rechtbank had gebracht, zoo hij ze aan rechters met geweten en onafhankelijkheid had opgedragen, zouden deze rechter!,

O Ph. Dunand, 1. c. 1251. — Raynaldus, Annales, ad an. 1431.

Sluiten