Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Jeanne d'Arc is volstrekt niet legendarisch, maar zij is bovennatuurlijk. Dit is in het geheel niet hetzelfde. Indien het bovennatuurlijke bestaat; dat is, dat er wezens, verstanden, willen zijn, verhevener den het-ménschelijk wezen, dan het menschelijk verstand en de menschelijke wil, en vooral als er een hoogste Wezen is, verheven boven het geheele heelal, dat Hij geschapen hééft, dan zijn deze wezens, deze verstanden, deze willen, maar bijzonder dit hoogste Wezen, dit hoogste verstand, deze hoogste wil uit den aard der zaak realiteiten, werkzamer en machtiger dan al diegene, welke onder onze zintuigen vallen. Welnu, de zedelijke onmogelijkheid van zulke wezens kan niet aangetoond worden en het feit, dat zij bestaan, wordt juist bewezen door tal van gebeurtenissen en verschijnselen, welke te bewijzen de kritiek het middel, , het recht en den plicht heeft. Onder deze gebeurtenissen is er geen schitterender dan de roeping van Jeanne d'Arc en de buitengewone „vermogens'', de „vreemdsoortige verstandelijke waarnemingen", zooals Quicherat zegt, waarvan geheel haar loopbaan vergezeld ging. (*)

De par le Roi du Ciel. Deze leuze, door haar gekozen voor het eenige wapenschild, dat zij als haar eigen wapens heeft aangenomen, drukt een verklaring uit, waarin de rechtstreeksche en bepalende Gorzaak van haar werk vervat is. Jeanne heeft verklaard, dat zij een gezant van God was voor de redding van Frankrijk en flat deze zending aan haar toevertrouwd was door een boodschap, die zij met hare oogen en met hare ooren had waargenomen en waarvan de drager de heilige Aartsengel Michaël was, die haar onafgebroken had voorgelicht en geleid, 'hetiftj persoonlijk, hetzij door tusschenkomst van twee gelukzalige zielen, de heilige Gatharina en de heilige Margaretha. De nauwkeurige bepaling van de omstandigheden met betrekking tot hare Verschijningen en hare Stemmen kan voor een geest, vrij van partijdigheid, geen enkelen redelijken twfffel overlaten aangaande de innige, de onoverwinbare overtuiging van Jeanne in dezen. Zij had hare Verschijningen gezien, hare Stemmen gehoord, haar voordeel gedaan met hun inlichtingen en hun raadgevingen. Zonder deze, zij heeft het gezegd, zou zij zelfs nooit gedacht hebben aan de ontzaggelijke onderneming, die haar, het kleine, nederige boerenmeisje, geleid heeft van Domremy naar Orleans, naar Reims, naar Rouen. Zij heeft ze zoo goed waargenomen als een werkelijk iets buiten haar, dat zij niet altijd zonder weerstand aan hun aandrang heeft toegegeven, ja, dat zij niet altijd den juisten zin van hun woorden begrepen heeft. Zij, die haar voor een gehallucineerde houden, zooals zij zeggen, zijn het zelf door hun vooroordeelen, uit kwade trouw en kinderachtige onwetendheid voortkomend. 'Bijzondere feiten bewijzen immers, dat zij aan haar Stemmen te danken heeft niet alleen een algemeene en zekere leiding, maar de kennis van toekomstige gebeurtenissen, waarvan de overtuigende bijzonderheid geen enkelen uitweg ter goeder

trouw toelaat Het bovennatuurlijke, zooals het zich in

Jeanne geopenbaard heeft, vertoont in zijn oorzaken, in zijn

O J. Quicherat, Apercus nouveaux, p. 61.

Sluiten