Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Wat het klimaat betreft van Sumatra's Oostkust, dat slechts enkele graden boven den evenaar ligt, over de temperatuur behoeft niet veel gezegd te worden; te Medan 21 M. boven zee en 16.4 K.M. ervan verwijderd, loopt de gemiddelde dagtemperatuur van 25.1° C. in December tot 27° C. in Juni (opgave over 1916), het gemiddeld maximum overliet jaar 1916 was 30.6° C. (28.6° C. in December, 32.2° C. in September) en het gemiddeld minimum 21.5° C. (20.6° C. in Februari, 22.2° C. in Mei).

Op grootere hoogten boven zee dalen die cijfers natuurlijk, zoodat het klimaat op de Hoogvlakte, 1400 M. boven zee, en in de bergoerbosschen geheel anders is dan in de laagvlakte.

Voor ons van meer belang is evenwel in verband met den broedtijd de regenval. In het algemeen gesproken kan men zeggen, dat de jaarlijks vallende hoeveelheid toeneemt van af de kust naar de bergen toe, gelijk het onderstaande tabelletje van gemiddelden van plaatsen, welke alle op het schetskaartje te vinden zijn, aantoont:

Jaarlijksche hoeveelheid regen.

Hoogte boven Afstand tot

zee. aan zee.

Saentis 7 M. 8 K.M. 1864 m.M. (gemiddeld over 17 jaar)

Medan 21 M. 16 K.M. 2074 m.M. „ 38 ., )

Deli Toea ... 60 M. 28 K.M. 2396 m.M. „ „16 „' ),

Sibolangit . . . 556 M. 50 K.M. 4480 m.M. „ "„ 3 "„ )

Bandar Baroe 864 M. 56 K.M. 7056 m.M. „ ] 10 * )

De van de Straat van Malakka over het laagland tegen de noordzijde der Batakb erg en aandrijvende wolken veroorzaken daar dus een buitengewoon grooten regenval, bijna 4 maal meer dan dicht aan de kust, welke 60 K.M. ervan verwijderd is.

Een bijkans even groot verschil neemt men waar tusschen de hemelsbreed zoo dicht bij elkaar liggende noord- en zuidzijde der bergreeks; tegen de laatste stuiten de luchtstroomen, die weliswaar van den Indischen Oceaan komen, maar de grootste hoeveelheid van hun vochtgehalte reeds verloren hebben bij het opstijgen tegen de bergen van Sumatra's Westkust en bij hun verdere reis over het binnenland van Sumatra en over de Hoogvlakte. De regenval te Ka ban Dj ahé, 1192 M. boven zee, 76 K.M. ervan verwijderd, bedroeg in 1917 dan ook niet meer dan 1648 m.M.

In zekeren zin gewichtiger nog voor de vogelwereld dan de totale hoeveelheid is de regenverdeeling in de verschillende maanden van het jaar; een beeld daarvan geeft de bijgaande grafische voorstelling van het aantal millimeters regen, dat in elk der maanden van het jaar gemiddeld (berekend over een verschillend aantal jaren) op het drietal regenstations Batang Kwis, Medan, Serbadjadi, van welke veel van ons materiaal afkomstig is, gevallen is.

Bij vergelijking van het verloop der curven met de ligging der plaatsen op het schetskaartje ziet men ten eerste, dat ook in dit geval de hierboven genoemde regel opgaat: de lijn van Batang Kwis, dat het dichtst bij zee ligt, is de laagste en geeft de kleinste cijfers weer, Serbadjadi, het verst ervan verwijderd, bezit de hoogste, terwijl Medan in beide opzichten in het midden ligt.

Zeer opvallend is verder de algemeene gelijkvormigheid, en vooral de twee-toppigheid van de drie curven (de derde top van de lijn van Serbadjadi is een onregelmatigheid, die te wijten is aan het nog gering aantal waarnemingsjaren), m. a. w. in Deli kan men duidelijk twee regentijden, een kleine in Mei en een groote in de laatste maanden van het jaar onderscheiden.

Februari, Maart en April zijn droog, Mei heeft veel meer regen, in Juni en Juli daalt de lijn weder, om dan, geleidelijk stijgend, in October een hoogte-punt te bereiken, vervolgens vrij hoog te blijven in November en December, maar dan weer steil te dalen naar het minimum van Maart.

Sluiten