Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

145. Miglyptes tukki (Less.).

a. Serbadjadi.

Ei iets glanzend, gelig wit.

1 ei. 21 X 15 m.M.

146. Micropternus brachyurus (Vieill.).

a. cf. Saentis. 27 Mei 1912. Zeer vele mieren.

b. O. » » » » „ » » en 1 zaad.,: ...... t

c. cf. Medan. 27 November 1913.

Vrij algemeene soort, van de kust tot op de Hoogvlakte. . Eieren dof, geelwit.

2 eieren. 23 X 18, 25 X 18 m.M.

v 147. Tiga javanensis (Ljung).

a. $. Medan. April 1912.

b. $. Saentis. 27 Mei 1912. Insectenresten, kevers, 1 mier, 6 zaden van één soort.

c. cf • Medan. 13 Juli 1912. Mieren, 1 krekel, vruchtjes.

d. cf • » 9 October 1912. 23V, c.M. Vele mieren.

e. cf • » 19 » » 21 c.M. Mieren en krekels.

f. O. » 25 » » 24Va c.M.

De meest algemeene spechtensoort in het laagland; van de bergen kreeg ik geen exemplaren.

148. Chrysocolaptes gutticristatus (Tick.).

a. cf. Saentis. 12 Mei 1912. Zeer veel insecten-resten.

Deze soort werd door mij alleen waargenomen en verkregen van de kuststreken, in de mangrove.

149. Chrysocolaptes validus (Temm.).

a. cf• Sennah. 6 November 1912. 25'/2 c.M.; 5 groote rupsen.

b. O. 6 November 4912. 26 c.M.; 1 groote keverlarve.

c. cf • Bandar Baroe.

d. Serbadjadi.

e. » , juv.

Het laatstgenoemde jonge exemplaar komt overeen met het 2, maar onderscheidt zich daarvan door donkerder vleugeldekveeren. Komt voornamelijk in het oerbosch voor.

150. Thriponax javensis (Horsf.).

a. $. Serbadjadi.

Deze grootste spechtensoort van Sumatra's Oostkust is verre van algemeen; ik nam haar alleen waar in de ongerepte oerbosschen, vooral ook in de mangrove-wouden langs de kust.

151. Sasia abnormis (Temm.). a. juv. Medan. 2 November 1912. 872 cM.

Dit kleinste spechtje is verre van algemeen.

XXIX. EURYLAEMIDAE. 152. Calyptomena viridis Raffl..

a. Serbadjadi. 5 Juni 1914.

Oerboschvogel; niet algemeen.

153. Psarisomus dalhousiae Jameson.

a. cT- Bandar Baroe.

Sluiten