Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

overhand heeft." Frederik de Groote. W.)" Men maakt uit Wilhelm's kantteekeningen op, dat hij er in toestemt, dat het Servië onmogelijk zal wor> den gemaakt om toe te «even, maar tevens, dot bq ongeduldig- wordt, omdat Oostenrijk nog niet begint Eindelijk, den 13en Juli, scheen de logge Oostenrnksche massa in beweging te komen. Tschirschky meldt: „De minister (Berchtold. K.) is er thans zeil van overtuigd, dat het zaak is zoo vlug mogelijk te hande 1 en. (DoorWilhelm tweemaal onderstreept. K.) Hij hoopt het morgen met Tisza eens te worden over den tekst van de nota, die aan Servië zal worden gezonden, en zal die dan Woensdag, 15 Juli, te Ischl aan den keizer voorleggen, waarop dan onmiddellijk — dus nog voor het vertrek van Poiacaré naar St. Petersburg — het stuk te Belgrado kan worden overhandigd."

Het toeval wilde namelijk, dat juist in die dagen do president van de Fransche republiek den tsaar ia zijn hoofdstad een bezoek zou brengen. Voor Poincaré no°- de reis aanvaardde (dit geschiedde 15 Juli, 's avonds), moest de nota aan Servië afgezonden wor-

CZoo vlug konden de Oostenrijkers toch niet jan leer trekken. Intusschen boekten Berchtold en Wilhelm eerst nog de overwinning, dat Tisza tot hun standpunt

bekeerd werd. ,. , '.

Tschirschky seinde den Men Juli „volstrekt ge-

e.!&raaf Tisza heeft mij vandaag, na zijn onderhoud met graaf Berchtold, opgezocht De graaf zei, dat hij tot dusver altijd degene was geweest, die aangedrongen had op voorzichtigheid, doch iederen dag kwam hü dichter bij de overtuiging, dat de monarchie een krachtig besluit zou moeten nemen (o n g e t w ij f e l d i W.), om te bewijzen, dat zij nog levenskrachtig was en om aan de onhoudbare toestanden in het ZuidOosten een eind te maken. De toon van de Servische bladen en der Servische diplomaten was door zijn aanmatiging schier onverdragelnk. „Het heeft mij moeite gekost", verklaardo do minister, „om mij voor den oorlog te verklaren, maar ik ben er thans ten volle van overtuigd, dat hij noodzakelijk is en zal zoo krachtig mogelijk borg staan voor de grootheid van do monarchie!"

Gelukkig waren thans allen, die hier den toon aangeven volkomen eensgezind en vastbesloten. Z. M. keizer Frans Jozef beoordeelde, naar ook baron Burian die nog dezer dagen Z. M. te Ischl heeft ontmoet.

Sluiten