Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

in Busland, die op het oogenblik nog vredelievend en half en half Duitsch gezind is, wordt steeds zwakker, de stemming onder de Slaven steeds vijandiger tegen Duitschland.. Ik wil geen pre vent ie ven oorlog, maar als het uur van den strijd geslagen is, mogen wij niet bevreesd zijn."

Jagow gelooft dus niet, dat Busland op dat oogenblik den oorlog kan of zal voeren. Hij wil ook niet den oorlog uitlokken bij wijze van voorbehoedmiddel. Maar als het er toch van komt, is het eigenlijk een gelukje voor het Duitsehe rijk en zijn bondgenoot.

Dat was in die dagen een veel verspreide meening, niet alleen in Oostenrijk, maar ook in Duitschland. Dadelijk na het uitbreken van den oorlog verklaarde de heer Paul Rohrbach, een al-Duitsche grootheid en goed op de hoogte van den gedachtegang van den Duitschen generalen staf:

„Voor ons, d.w.z. voor Duitschland en OostenrijkHongarije, bestond de voornaamste bezorgdheid hierin, dat wij door een voorbijgaande en slechts schijnbare toegeeflijkheid van Busland moreel gedwongen zonden kunnen worden om te wachten, totdat. Busland en Frankrijk inderdaad gereed waren." (Der Krieg und die deutsche Politik, Dresden, Verlag „Das grössere Deutschlandi" bldz. 82, 83.)

Voor den oorlogsgeest van deze kringen is het teekenend, dat zij den oorlog, toen hij inderdaad uitbrak, niet angstig of met leedwezen, als een verschrikkelijke catastrofe, maar jubelend, als een verlossing begroetten.

Den 7en Juni 1915 vertelde de koning van Beieren:

„Op de oorlogsverklaring van Rusland vólgde die van Frankrijk, en toen daarna ook nog de Engelschen op ons aanvielen heb ik gezegd:

„Ik ben er blij om, en ik ben daarom blij, omdat wij nu met onze vijanden af kunnen rekenen; en omdat wij thans eindelijk een direoten weg van den Rijn naar de zee zullen verkrijgen."

Zoo was de liefde voor den vrede van de Duitsehe regeerders bij het uitbreken van den oorlog. Maar toch waren niet allen zoo dom en lichtzinnig om naar den oorlog te verlangen. De mannen van buitenlandsche zaken, die de beslissing in handen hadden waagden het er zeker op, maar hoopten toch nog, dat het weer gaan zou als in 1909 en 1913 toen Rusland wegens zijn gebrekkige uitrusting achteruitgekrabbeld was Zij na-

Sluiten