Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

„Het bevel van Z. M. terzake van het'bijeenhouden van de vloot tot den 25sten doet mij de bezorgdheid koesteren, dat, indien alsdan het ultimatum is afgewezen, in het oog loopende vlootbewegingen van Balmholm uit (waar de Keizer toefde) zouden kunnen worden gelast. Aan den anderen kant zou in het geval van een crisis een verkeerde ligplaats voor de vloot noodlottig kunnen worden!"

Daarom verzocht Bethmann om de opinie van den marine-staf. Deze antwoordde den 22sten Juli: „In het geval van een oorlogsverklaring door Engeland is er met zekerheid op te rekenen, dat onze vloot zal worden overvallen door de Engelsche."

Jagow seint in geruststellenden zin aan den rijkskanselier, dat Engeland volkomen vredelievend is en zijn vloot die voor de manoeuvres was bijeengetrokken, den 27sten uit elkaar laat gaan. Den 23sten seint dan de rijkskanselier aan graaf Wedel, dat de Oostenrijksche nota „hedennamiddag" zal worden overhandigd en dat het ultimatum op den 25sten afloopt Duitschland zal allereerst zeggen, dat de heele zaak het niet aangaat

„Pas het ingrijpen van andere mogendheden zou ons in het conflict betrekken. Dat dit onmiddellijk geschiedt speciaal dat Engeland d a d e 1 ij k tot ingrijpen besluit, is niet aan te nemen: Beeds de reis van president Pöincaré, die hedenavond Kroonstad verlaat, den 25sten Stockholm, den 27sten Kopenhagen, den 29sten Kristiania bezoekt en den 31sten in Duinkerken aankomt zou alle besluiten moeten vertragen. . " i.

De Engelsche vloot moet volgens mededeelmgen van den marine-staf den 27sten uiteengaan en de thuishavens opzoeken. Een mogelijke ontijdige terugroeping van onze vloot zou algemeene ongerustheid kunnen teweegbrengen en vooral in Engeland als verdacht worden beschouwd."

Doch Wilhelm vertrouwt den vrede niet; hij geeft den 25sten aan de vloot bevel, zich tot de onmiddellijke thuisreis gereed te houden. Bethmann bezweert den Keizer nog te wachten. Daarover komt het bij de» Keizer tot een uitbarsting van woede. Het telegram van den rijkskanselier aan den Keizer — met Wilhelms kanlteekeningen — luidt:

„De chef van den grooten marine-staf deelt mij mede, dat U. M., naar aanleiding van een Wolff-telegram (ongehoord! W.) aan de vloot bevel heeft gegeven tot snelle voorbereiding tot de thuisreis (o ngelooflijke veronderstelling! Is zelfs

Sluiten