Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

De hooge Duitsehe Heer voorzag uiet, dat nog menige andere majesteit „zou uitknijpen" en op nog heel andero manier.

Telegram:

„De ministerraad kan echter niet tot een besluit komen." Wilhelm: „De fiere Slaven!"

Bij het slot van het telegram plaatst hij de opmerking:

„Hoe voos-toont zich de heele, zoo ge n aan m de Servische groote-staat. Zoo staat het met alle Slavische staten geschapen. Het gespuis maar ferm tegen de schenen geschopt!"

Zoo sprak de vredes-Reizer, onmiddellijk vóór het uitbreken van den oorlog! Verre er vandaan, door het bruuske optreden van Oostenrijk onaangenaam te worden getroffen, laakte hij alle, ook slechts schijnbaar bijdraaien, ja iedere beleefdheidsgeste van den Bondgenoot.

Den 24sten Juli seinde Tschirschky uit Weenen: „Om Busland zijn goede gezindheid te toonen, heeft graaf Berchtold hedenochtend den Bussischen zaakgelastigde uitgenoodigd, bij hem te komen."

Daarbij maakt Wilhelm de opmerking: „Totaal overbodig. Het zal den indruk van zwakte wekken, en den indruk van verontschuldiging moeten teweegbrengen; hetgeen tegenover Rusland beslist verkeerd is cn moet worden vermeden. Oostenrijk heeft zijn goede redenen; daarop heeft het den stap gedaan; nu kan hij niet achteraf quasi voor discussie vatbaar worden gemaakt."

Tschirschky laat Berchtold verder zeggen:

„Oostenrijk zal geen aanspraak maken op Servisch grondgebied."

Dit geeft Wilhelm aanleiding tot den uitroep:

„Ezels! Het Sandzjak moet het weer nemen, anders komen d« Serviërs aan de Adriatische zee."

Berchtold: „Oostenrijk wil aeen verschuiving van de machtsverhoudingen op den Balkan veroorzaken".

Wilhelm: „Die komt geheel vanzelf en moet komen. Oostenrijk moet op den Balkanoverheerschend worden tegenover de andere kleineren, ten koste van Rusland, anders bestaat er geen rust."

Aan het slot van het rapport merkt hij op: „Zwakjes!"

Met ongeduld gevoelde hij de noodzakelijkheid zich

Sluiten