Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Het is daarom naar mijn opvatting van do grootste beteekenis, dat Weenen zich. met het kabinet te Rome, over het doel, dat het in geval van een conflict, in Servië zal nastreven, verstaat en dat Weenen Italië aan zijn kant houdt of — daar een conflict met Servië alleen geen casus foederis beteekent — gedaan krijgt, dat Italië strikt neutraal blijft. Italië heeft Ua zijn schikkingen met Oostenrijk bij iedere verandering op den Balkan ten gunste van de Donau-monarohie een recht op compensatie. Deze zouden dus het onderwerp en het lokaas voor de onderhandelingen met Italië vormen. Volgens deze berichten zou bijv. de afstand van Walona te Rome niet als een aanneembare compensatie beschouwd worden. Italië schijnt van den wensen om zich op de altera spouda van de Adriatische Zee vast te zetten, op dit oogenblik terug gekomen te zijn.

Zooals ik streng vertrouwelijk opmerk, zou als eenige volwaardige compensatie in Italië de verwerving van Trente beschouwd worden. Deze kluif zou inderdaad zoo vet zijn, dat daarmede ook de austrophobe openbare meening de mond gestopt zou kunnen worden. Dat de overgave van een oud deel van het land van de monarchie met de gevoelens van den heerscher en van het volk in Oostenrijk zeer moeilijk te vereenigen zou zijn, kan niet ontkend worden.

„Aan den anderen kant is het evenwel de vraag, wélke waarde de houding van Italië voor de Oostenrijksche politiek heeft, welken prijs men daarvoor wil betalen en of die prijs tegen de voordeelen, die men ervan verwacht, opweegt.

„Ik verzoek U.E. de houding van Italië tot het onderwerp van een diepgaande, vertrouwelijke ruggespraak met graaf Berchtold te maken en daarbij zoo noodig ook het vraagstuk van de vergoedingen aan te roeren. Of bij dit gesprek ook de kwestie van Trente kan worden aangeroerd, moet ik aan Uw oordeel en kennis van de toestanden daar overlaten.

„Het standpunt van Italië zal in elk geval van beteekenis zijn voor de houding van Busland in het conflict met Servië. Mocht daaruit een algemeene botsing voortvloeien, dan zou zij ook voor ons van groot militair belang zijn.

„Ter voorkoming van misverstanden merk ik nog op, dat wij het kabinet te Bome geen enkele mededeeling over de onderhandelingen tusschen Weenen en Berlijn hebben gedaan en dat wij mitsdien ook de vergoedingskwestie niet hebben aangeroerd."

Sluiten