Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

D© nieuw© Duitsch-Fransche grens werd zoo geweldig versterkt, dat er voor een Duitsch leger g»*-n sprake van zijn kon er snel doorheen te kom*n.> En toch scheen dat noodzakelijk te zijn bij een oorlog van Duitschland aan twee fronten, waarbij het zaak was zoo snel mogelijk met Frankrijk af te rcken-n om daarna alle krachten op Busland te kunnen samentrekken.

Aan het front van den Elzas scheen een snelle doorbraak onmogelijk te zijn. Des te meer trok Frankrijk's Noordelijke grens aan. Merkwaardig genoeg hadden de Franschen alleen de Elzasser grans zoo krachtig mogelijk versterkt. Daartegenover voel den zij zich achter België zoo veilig, dat zij hun Noordelijke greus slechts onvoldoende in 6taat van verdediging brachten. En zelfs in Juli 1914 toen het oorlogsgevaar opdook, de heele wereld naar de wapens greep en troepen samentrok, ric&tie het Fransche leger zijn oogmerken voornamelijk naar het Oosten, niet naar het Noorden.

De Noordelijke grens was Frankrijk's zwakke punt. Als Duitschland daar bij verrassing inviel, mocht het er op vertrouwen in enkele krachtige slagen allon weerstand to breken, Parijs te bezetten en dat niet alleen, ook Calais, do uitvalspoort naar Engeland.

Uil zuiver militair oogpunt beschouwd was dus de doorbraak door België zeker do aangewezen weg. l»derdaad had reeds het voorbeeld van Elzas Lotharingen kunnen leeren, wat een ongunstige gevolgen het met zich kan sleepen als een militaire politiek van het oogeublik de overhand krijgt boven een breedopgevaite algemeene politiek, die niet alleen rekening houdt niet de militaire, maar ook met de politieke en economische en bovendien met de moreele krachtsverhoudingen en drijfveeren der volken.

De Duitsehe politiek had zich ten doel gesteld bij de gewapende oplossing van het geschil tusschen de Middel-Europeesche mogendheden en Busland tn Frankrijk de onzijdigheid van Engeland en ltalië;s meewerking te krijgen.

Beiden waren reeds twijfelachtig geworden, maat nog nut heslist, toen do oorlog uitbrak. Wel had Ssr Edward Grey Duitschland gewaarschuwd, maar daar stond tegenover, dat hij Frankrijk zijn steun niet met vólkomen zekerheid in het vooruitzicht had kunnen stellen, ondanks alle sympathie voor de zaak vim Frankrijk. Men heeft hem deze onzekerheid zeer kwalijk genomen, de een heeft hierin onl>esteadigheid, de ander dubbelhartigheid gezien. Zijn critici verge-

Sluiten