Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

democratische gelederen verheldering van inzicht heeft gebracht. Men heeft ook daar bespeurd, dat volstrekt niet alle verschijnselen uit stoffelijke oorzaken kunnen worden verklaard. Kort na het uitbreken van den krijg schreef Mr. TROELSTRA: „In een DuitschFranschen oorlog botsen verschillen van temperament, geschiedenis, kuituur, levenswijze, zeden en gewoonten, op elkaar, die aan elke redeneering ontsnappen en veel dieper zitten in de menschen dan zelfs de ekonomische grondslagen van den klassenstrijd, daar zij het onderbewustzijn, de oerinstinkten der massa raken. Wie ooit mocht gedacht hebben, dat de oppervlakkige praatjes over vaderlandloosheid, afkomstig uit den uitdragerswinkel van het burgerlijk kosmopolitisme, bestand zouden zijn tegen de werking van deze diep uit des menschen ondergrond wellende gevoelens, zoodra de nationale kwestie eenmaal werkelijk zou worden gesteld, die heeft zijne vergissing aan zichzelf te wijten" '). De terminologie is nog wel eenigermate verdacht en de opmerking over de vaderlandloosheid niet correct, maar de voorstelling toont toch duidelijk, dat het uiteenvallen van de Internationale leerzaam is geweest; met den klassenstrijdleer verdraagt de gegeven beschouwing zich niet.

Niet minder verrassend is hetgeen Het Volk op 24 September 1917 ten beste gaf: „Maar niemand die een oogenblik zijn hersens gebruikt, verwacht van een feilen strijd tusschen de klassen die tot staking van den maatschappelijken arbeid leidt, een oplossing of ook maar een verbetering van den toestand. Dit kan slechts van loyale samenwerking en zorgzame organisatie komen".

Zoo is het; wat hier echter van anderen wordt geëischt, nu het de voedselvoorziening betreft, kunnen wij algemeen vorderen van de sociaal-democratie. Het dogma van den klassenstrijd moet openlijk en voor goed worden prijsgegeven. Niet de klassenstrijd, maar de samenwerking zal ons de maatschappelijke vooruitgang kunnen brengen. Niet de heerschappij van de macht, maar van het recht. De klassenstrijd voert tot den ondergang in den maalstroom der maatschappelijke verwarring; de erkenning der noodzakelijkheid van samenwerking voert ons veilig naar den haven, waar wij over de nu fel bewogen wateren der samenleving, na den storm, de zon der gerechtigheid zullen zien opgaan. E. J. BEUMER.

') Zie De Rotterdammer, 24 September 1914.

Sluiten