Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

dat wij hier met een vreemdeling te doen hebben, en een blik op zijn zwart haar en sterk geteekenden neus laat ons geen twijfel over dat wij hier een van de kinderen van het uitverkorene volk voor ons zien. Verderop zit eene huismoeder met vier nog jonge kinderen. Dit schijnt een specialiteit van de Harvrichbooten te zijn, want ik ben nog nooit het Kanaal overgestoken of ik zag die huismoeder met die kinderen. Ik geloof bijna dat de Maatschappij ze als reclame heen en weer voert om te bewijzen, hoe veilig hare lijn is.

De meest interessante van de passagiers zijn echter de Trippers, waarvan wij een drietal exemplaren aan boord hebben.

Het woord „Tripper" is, geloof ik, niet te vertalen, want men moet het niet met „Tourist" verwarren; de laatste behoort tot een geheel andere en veel hoogere klasse.

Dit soort wezen, i. e. de Tripper, is ten zeerste merkwaardig zoowel om zijn uiterlijk als om zijn gedrag, en het loont de moeite er een studie van te maken. Hun kleeding is zeer lastig te beschrijven^ daar bijna ieder individu op een bijzondere wijze uitgedost is, doch door hun eigenaardig voorkomen kan men ze gemakkelijk van gewone menschen onderscheiden. Deze wezens dragen altijd een broekje, veel te wijd voor hunne magere beentjes, en die beentjes zijn veel te lang voor hun broekje, dat zoo kort is dat het niet verder dan tot aan de knie reikt. Hun jas en ook het reeds vermelde broekje zijn in groote vierkante ruiten verdeeld en gewoonlijk hel van kleur.

Sluiten