Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

zoo broos en vettig, dat men ze onmogelijk in plakjes snijden kan. Ook houdt men daar niet van nieuwe kaas en een fijnproever wil geen kaas aanraken, zoo zij niet in verregaanden staat van ontbinding verkeert; de kaas moet groen zijn met schimmelplanten en zoo te zeggen op zijn bord rondspringen, anders lust hij ze niet.

Een goed middel om een kaas in dien zoo gewaardeerden toestand te krijgen is, om er een gat in te boren, dit met rooden wijn te vullen en de kaas dan voor eenigen maanden weg te bergen.

Ik heb deze proef eens genomen, toen ik in Achter* Indië woonde, maar toen ik mijn jongen na verloop van èenigen tijd beval de kaas op tafel te brengen, was deze nergens te vinden; „Keju sudah lari" (kaas is weggeloopen) was de meening van den jongen.

Nu, als die kaas in zoo'n toestand verkeerde, dat zij weg kon loopen, dan kon zij voor mijn part het heele land afreizen, als zij maar nooit weer bij mijn bungalow kwam. De reuk van een adellijke kaas is allesbehalve aangenaam en als men het deksel oplicht, vallen de vliegen' tot op een afstand van 3£ meter bewusteloos neder. Ik was zelfs blij, dat die kaas gedeserteerd was, want ik houd er niet van om met ieder hapje geheele koloniën van mijten, bacteriën en andere- diersoorten in te slikken.

In een vaas met water gevuld staat de „celery," welke men bij de kaas gebruikt. Deze „celery" is geloof ik in het Hollandsch „selderie," ofschoon zij in dezen vorm alhier nooit voorkomt. Het zijn namelijk lange witte stelen, welke men gemakkelijk breken

Sluiten