Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

denkt dat wij te Harwich zullen zijn. „Wel", antwoordt hij, „het is een mooie heldere nacht, en als het zoo blijft, kunnen wij tusschen 4 en 5 uur morgen ochtend aankomen."

„Helderen nacht noemt u dat?" vraag ik verwonderd, „het is pikdonker. Men kan bijna geen hand voor oogen zien."

„Ja, maar dat noemen wijzeelui juist een helderen nacht. Hoe" donkerder het is, hoe beter men de lichten kan zien. Maar als men zoo een lichtenden hemel heeft, dan is het veel moeilijker."

„Wij treffen het," zeg ik, „dat de zee zoo kalm is."

„Och wat! golven en wind kunnén geen kwaad. Ben goed schip, een open zee, eh men is veilig al stormt het nog zoo hard. Neen, wind is niemendal, maar weet je wat gevaarlijk is, dat is een mist."

„Nu, ik heb liever mist dan storm".

„Ja natuurlijk, omdat jullie land-lui het gevaar niet begrijpen. Weet je wel, dat dit misschien een van de meest gevaarlijke zeeën, is, omdat er zooveel scheepvaart op is en dat door mist veel meer goede schepen zijn verloren gegaan, dan door de zwaarste stormen.

„U bedoelt zeker, doordat zij met elkaar in botsing komen, maar ik begrijp niet waarom men niet voor elkander uitwijken kan — de zee is toch groot genoeg/'

„Ja, in theorie is het gemakkelijk praten, maar in de practijk is het heel anders. Stel het je maar voor: Dikke mist — kapitein op brug kan niet eens

Sluiten