Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

dienden, en al hun bagage bestaat uit een klein handtaschje. Het zijn beleefde, doodgewone Loudensche burgertjes. Een heel verschil met die onhebbelijke Trippers.

De douane is de boeman, het schrikbeeld van iederen reiziger. In de maatschappij bekleedt hij de plaats, die gedurende de middeleeuwen door den beul werd ingenomen. Hij wordt gehaat en gevreesd.

Gehaat wordt hij, maar in het geheimste geheim, want in het openbaar is er niemand die zooveel achting geniet en zoo bemind wordt als de douane. De douane kan zooveel sigaren krijgen van de passagiers als hij maar wil, en als hij iederen „come and have a drink" aannam, zou hij zijn geheele leven in een zaligen roes doorbrèngen.

Maar de douane verliest zijn levensdoel niet uit het poe; hij is een antidote voor het reizen en iedere passagier, man of vrouw, beschouwt hij als zijn slachtoffer.

Toch verschillen de meeningen van passagiers omtrent douanen eh ik heb zelfs gehoord dat men goed van hen sprak. Dit zijn echter zeldzame uitzonderingen en de eenige verklaring die ik er van kan geven is, dat, au fond, de douane toch mensch is — dat misschien nu en dan zijn geweten hem knaagt — dat hij berouw gevoelt en in een sentimenteele stemming een koffer laat passeeren zonder haar open te maken.

Sluiten