Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Tochtig druipende boomvarens door geeu zonnestraal bereikt worden, waar de giftige kiemen van malaria de lncht bezwangeren en venijnige adders onder het mos doorsluipen. Cholera en dysenterie verschijnen gelijk spookbeelden voor haar oogen en in gedachte ziet zij een eindelooze rij van jonge mannen, krachtig, sterk gebouwd, die vol moed en hoop naar de tropen vertrokken en die, na slechts weinige jaren, ontzenuwd, gebroken naar lichaam en geest, ten laatste een rustplaats vonden onder den heeten grond. Doch wie bekommert zich daarom? Engeland's zonen moeten Engeland's bezittingen besturen en zoodra één valt, strijdt een ander in zijn plaats. Want het is een strijd en het zijn strijders. Al schittert niet het blanke staal, al dondert niet het geschut, toch toonen zij heldenmoed in hun stillen kamp tegen den onzichtbaren machtigen vijand. „England expects every man to do his duty**; Nelson gaf slechts aan woorden uiting, gegrift in ieders hart. De „Groote Moeder" (*) heeft aan hunne handen toevertrouwd een wijs bestuur te voeren over hare donkere zonen, een bestuur tot heil van het volk, tot heil van het land. Het is een gevoel van plicht, dat hen bezielt en aanwakkert gelijk de oorlogsvaan den krijgsman, en zij blijven trouw op den post, door Engeland aan hen toevertrouwd, ofschoon hun hoofd gloeit gelijk vuur en het onstuimige koortsige bloed door hunne aderen jaagt en het verzwakte lichaam doet beven als een riet.

(*) Qaeen Victoria.

Sluiten