Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Twee matrozen gaan naar het achterste gedeelte van het schip. De een heeft een lang touw, waaraan op bepaalde afstanden knoopen aangebracht zijn en aan het einde is een plankje, dat zoo bevestigd is, dat het rechthoekig met de lijn staat. De tweede matroos heeft een zandlooper. Niet zoo een gewoon zandloopertje, waarbij wij onze eieren koken, maar een respectabele volwassen zandlooper; zoo iets als men wel ziet afgebeeld op een plaatje van een grasmaaier a la Röntgen met een zeis op den schouder.

De eerste matroos gooit zijn plankje met het touw over boord; het plankje blijft stationair en daar het schip voortgaat, glijdt het touw door zijn handen. Zoodra hij den eersten knoop bereikt heeft, geeft hij het signaal en de tweede matroos keert zijn zandlooper onderste boven. Zoo is al het zand naar de onderste verdieping verhuisd, dan ziet men hoeveel knoopen men afgeloopen heeft in dien tijd, en ik geloof dat dit de oorsprong is van de uitdrukking : „zooveel knoopen in bet uur".

Nu wij toch eenmaal bezig zijn, de zaken te beschrijven, die men zooal achter op het schip ziet, wil ik nog even vermelden een vernuftig peilinstrument, hetwelk op de meeste mailstoomers aanwezig is eU gewoonlijk de belangstelling van de passagiers gaande maakt.

Het nemen van peilingen is altijd van'bet grootste gewicht, niet alleen bij het aankomen en vertrekken uit een haven, maar ook op zee, als men niet precies weet waar het schip zich bevindt. In dit laatste

Sluiten