Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Maar wat nood ? Het fiere schip heeft wel zwaardere stormen doorstaan. Een ruime open zee — laat de golven maar over het schip breken of spattend als wie schuim uit elkander vliegen onder haar vallenden boeg — de Parramatta is even veilig alsof zij nog in de de dokken van Londen lag.

„Hè, zoo'n storm op zee, wat moet dat heerlijk zijn — goddelijk! Dat zou ik nu graag willen zien", zeide een jonge dame eens tot mij. Nu ja, stormweer is mooi en ik dweep er ook mee, vooral als ik, in een gemakkelijken stoel gezeten, er over schrijf, omdat men met den tijd slechts het interessante zich er van herinnert en het onaangename vergeet. Als men nog nooit een storm heeft meegemaakt, dan vindt men natuurlijk alles nieuw en belangwekkend (ten minste als men niet zeeziek is), maar eerlijk gezegd, als men eea uurtje lang naar de golven gekeken heeft, dan begint het te vervelen en men denkt bij zichzelf: „Nu, 't is mooi, maar ik heb het nu gezien, en ik wou maar dat het bedaarde en wij weer rustig door konden varen."

Het begint mij ook te vervelen. De eene golf gelijkt precies op de andere, het schuimende water op dek gaat regelmatig van den eenen kant naar den anderen en alles is nat en ongezellig.

Wacht, denk ik, ik ga wat in de rookkamer zitten. Ik ben nu weer heelemaal opgefrischt en ik kan het wel wagen een pijpje te rooken.

Sluiten