Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Als hij de hoogere nummers verkoopt, is alles even rooskleurig. Het schip is het snelste van de vloot en zal bepaald een record maken, het weer kan niet mooier zijn, de kapitein verwacht een stille zee en stroom mee, de machinist heeft den verkooper in het diepste geheim verteld, dat de machine nog nooit zoo goed geloopen heeft, enfin, alle toèstanden zijn gunstig.

„374, mijne heeren. Dit lot moet bijna zeker winnen, al loopen wij 400 of 560 knoopen, dit is het hoogste nummer en alles boven 374 wint."

„Nu, we zullen maar direct beginnen met $ 10; als het lager ging kocht ik het zelf. Nu, mijne heeren, 10 dollar, 10 dollar, wie zegt 15 ?"

Maar de passagiers vinden dat het hoogste nummer niet veel kans heeft en niemand biedt.

„Maar mijne heeren, is dat nu „sporting?" Komaan, een bod. Wie biedt?"

„50 cent," roept een stem.

„50 cent ? ! een halve dollar voor een lot waar men wel 400 dollar op wint? 't Is al te bespottelijk. Wij maken een record, zeg ik u. — Alright, een dollar; een dollar, —■ een dollar vijftig aan u —- twee dollars, twee dollars, niemand meer? Dan zeg ik zelf twee vijftig. Drie dollar aan u — drie dollar vijftig", en zoo gaat het voort.

Maar naarmate men de lagere nummers nadert, wordt de verkooper al meer pessimistisch gestemd. De lucht schijnt te betrekken, er zou wel storm op handen kunnen zijn, het lijkt hem toe dat de

Sluiten