Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Als de preek geëindigd is, wekt men den paterfamilias en wandelt weer huiswaarts, terwijl de zusters onderweg de nieuwe hoeden en de broêrs de gezichtjes die er onder waren, critiseeren.

Bij de thuiskomst is het middageten gereed ('s Zondags dineeren zeer veel families om één uur) en dit vervalt altijd in de uitersten, het is namelijk öf heel goed öf heel slecht.

Heel slecht bij die familiën, die den Zondag zoo streng houden, dat zij u slechts koud vleesch en lauwe aardappelen voorzetten, en heel goed bij die familiën, die het vervelende van den rustdag eenigszins trachten te verzoeten door lekker eten. Nadat dan de Brittenfamilie van een reusachtig stuk „roastbeef" tweemaal zooveel heeft gegeten als zij op andere dagen eet en driemaal meer dan goed voor haar is, houdt zij een opruiming onder de tallooze „pies" en „custards" en „tarts" (zwaar verteerbare zoetigheden, waarvoor de Engelsche keuken beroemd is) en eindigt dan met dessert, noten en wijn.

Na het diner verdwijnt de familie op geheimzinnige wijze. Als men ze gaat zoeken, vindt men ze hier en daar in de kamérs verspreid op sofa's en in gemakkelijke stoelen. Zij hebben allemaal een boek bij zich, een „goed boek" met voor dien dag geschikte litteratuur, maar de boeken zijn gesloten

en de oogen ook.

Tegen 4 uur worden zij, de een na den ander, wakker en dan gaan de jongelui een klein wandelingetje doen. Als zij terug komen, gebruikt men thee (a

Sluiten