Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ik heiligschennis gepleegd had, maar toen de kwartiermeester ook op hem afkwam, zeide hij snel: „Goed, als sahib *) er zes neemt".

„Ook goed, daar heb je drie shillings, maar dan moet ik zes van die gouden hebben."

Hij wilde nog tegenspartelen, maar de kwartiermeester duwde hem reeds naar de scheepsladder, en terwijl hij mijne drie shillings in zijn zak stak, gaf hij mij een half dozijn van die gouden, met een gezicht alsof ik hem bestolen had.

Dien middag aan tafel toonde eene oude dame, die tegenover mij zat, zoo'n ring.

„Vindt u het niet beeldig ?" zeide zij. „Hij vroeg mij 25 shillings, maar ik heb net zoo lang geboden totdat ik hem eindelijk voor 15 shillings kreeg. Dat is niet duur, vindt u wel ?"

„Zoo bijster goedkoop is het ook niet", antwoordde ik, en haalde mijn handvol gouden ringetjes te voorschijn, „ik heb dit heele zoodje voor drie shillings gekocht".

De oude dame zeide niet veel, maar aan haar gezicht zag 'ik, dat hare gevoelens tegenover-den koopman zeer onchristelijk waren en als de lieve Heer haar stil gebed verhoort, dan komt die Hindoe waarschijnlijk nooit in den hemel.

* * *

De BohUla is een van de „Chineesche booten" van de P. and O-mail, i.e. zij vaart tusschen Colombo en

*) Mijnheer.

Sluiten