Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

len en tuigage, een onmetelijke zee die door duizenden schepen beploegd wordt. De schepen hebben geen bericht over hem; de wachten geven hem niet 't begeerde teeken. De Gorgóna, meent hij, heeft hem zijn dierbaren zoon gehouden; verlaten en zonder opvolger zal zijn doorluchtige troon voor eeuwig zijn.

Maar plotseling gaat de deur wagenwijd open en als een blonde lichtstraal komt de prins binnen.

„Mijn vader noem ik u en ik buig mij voor u, den koning," zegt hij voor hem neer knielende. „Alles neem ik nu aan en verlicht u 't leven. Ik trek als chlamys 't harnas aan; ik zet de kroon op het hoofd, een doornekroon; ik neem den schepter, een prikkel voor mijn volk. Ik heersch als een vader en koning."

Nog had de grijsaard zijn zoon niet omhelsd, toen buiten een doordringend, wild en akelig geluid weerklonk: 't leek alsof 't rotsige eiland zich met wereldvernietigende kracht rondom 't paleis had gestort.

„Wraak!... Wraak!..." herhaalt steeds de kreet die ten hemel stijgt.

En 't gansche volk ontwapent de wachten, opent de deuren met bijlen, gaat de met tapijten bekleede trappen op, scheurt de zijden gordijnen aan narden, slaat alles kort en klein en komt in wilde woede voor den koning.

„Wij vragen u, onzen vader, den rechtvaardigen rechter," zeggen ze tot hem, „waarmee wordt gestraftbij die de quarantaine-voorschriften overtreedt?"

Sluiten