Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

DE ANDERE WERELD

Onbekend blijft de zeeman die ons de groote weldaad heeft bewezen. Onbekend en onverheerlijkt, zooals ook met de arme heiligen gebeurt. Overal 't noodlot — vervloekt zij 't! — overal 't noodlot! Maar ik voor mij, als 'k zijn naam wist, zou 'k meer kaarsen aansteken voor hem dan 'k elk" jaar doe voor 't beeld van den Heiligen Nikolaas. Die redt ons — en ook niet zoo dikwijls! — uit de woeste stormen. Maar hij heeft met één handigen streek van 'm ons te goeder ure bevrijd van de duivels van de Hel en van de heiligen van 't Paradijs—waartusschen geloof 'k, niet veel verschil bestaat. Ik zeg niet dat 'k 't plezierig zou vinden om de duivels te zien met hun gedraaide horens, hun lange staarten en hun gesabelde klauwpooten. Ook zou 'k liever niet hun woedend gehuil hooren als ze een woeste ziel doorsteken, of 't borrelen van de teermassa in de Zeven Ketels, of de geeselingen en 't jammeren van de verdoemden. Maar ook 't gezelschap van de vaderen met hun kombolója en wierook, alsook de onvergelijkelijke klaarheid van 't Paradijs zou mij niet erg aanstaan. Wat zal 'k je zeggen — wat zul je eraan doen? 't Beste is zooals die zeeman zaliger 't klaar speelde. Hij sloeg zijn tent apart op en zoo genieten onze hersens hun rust — als tenminste de dooden ook hersens hebben!

Nauwelijks was de schuit geland op 't eiland — laten we zeggen: op Sérphos — of de kapitein nam

Sluiten