Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

mómilos. Hier moest 't schip keeren om te zorgen dat 't niet stootte op de gevaarlijke klippen. Maar terwijl we vloekten van woede dat we hem uit 't oog verloren, verscheen hij weer achter de ra en vestigde vol haat zijn donkere oogen op den kapitein. Nauwelijks had deze z'n geweer opgenomen of hij het een smadelijk spottend geluid hooren en vloog, steeds om ons heen draaiend, weg, met fladderende vleugels, zwaar en onregelmatig alsof hij dronken was. En 't schip leek nog meer dronken zooals 't met volle zeilen op hem af ging; de kapitein met de buks in zijn hand, wij allemaal met de haren overeind, wijdgeopende oogen, vuurroode gezichten, gestikuleerend en wartaal uitslaand, zoodat iemand die ons gezien had, stellig gemeend had dat we allemaal vergiftige paddestoelen hadden gegeten en niemand bij zijn verstand was!...

Nu rees de volle maan op achter den berg van Naxos en op 't felle, vurige licht van de zon volgde een zacht, kalm licht dat de schepping het zien in slaap en droomen. De eilanden ver weg en de donkere kusten schenen als reusachtige massa's over te gaan in de donkere lucht; hun omtrekken heten zich meer raden dan onderscheiden. De eilanden dichtbij, Kimolos en Pólyvos, Milos en Erimómilos en Jerakóénia, staken scherp af, in een wit-blauwen nevel gehuld, met hun kloven en donkere spleten, hun voorgebergten en lichtere bergkammen, hun zachte, vlakke hellingen zonder kuilen en distels, hun stroombeddingen en hun stranden zonder rotsen en steenen. Ze zagen er, zoo

N GN 2

Sluiten