Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

statig haar boogvormigen weg volgde, naderde meer en meer den Oceaan.

De overweldigende schoonheid der zee was ook nu zoo indrukwekkend, dat allen zwegen.

Eindelijk sprak Jeanne:

— Hoe graag zou ik willen reizen!"

— Ja, maar het is niet opwekkend om alleen te reizen," antwoordde de burggraaf, „men moet minstens met zijn beiden zijn om elkaar zijn indrukken te kunnen meedeelen.

Zij dacht na.

— Dat is waar... maar toch wandel ik graag alleen... 't is zoo heerlijk, te loopen mijmeren..."

Hij keek haar lang aan.

— Men kan ook met z'n tweeën droomen."

Zij sloeg haar blik neer. Wat bedoelde hij? Peinzend keek zij naar den horizon, toen sprak ze met zachte stem:

— Ik zou graag naar Italië willen gaan... en naar Griekenland... o ja, naar Griekenland... en naar Corsica! Daar moet het zoo woest zijn en zoo mooi!" w

Hij zou Zwitserland prefereeren om de berghutten en meren. Maar Jeanne vond:

— Neen, ik houd meer van nieuwe landen, zooals Corsica, of van de heele oude, vol herinneringen, zooals Griekenland. Hoe heerlijk moet het zijn, de sporen terug te vinden van' de volken waarvan wij sinds onze kinderjaren de bijzonderheden kennen; om de plaatsen te bezoeken, waar groote dingen zijn gebeurd!"

Maar de vicomte, die minder enthousiast was, verklaarde: ~ Mij trekt Engeland bijzonder aan. Dat is een land, waar veel te leeren valt."

Zoo vlogen zij de heele wereld door, de aantrekkelijkheden besprekend van elk land, van de polen tot den equator; in vuur gerakend over denkbeeldige reizen, elkaar vertellend van gewoonten en gebruiken der vreemde volkeren, over het leven der Chineezen en Laplanders. Maar ten slotte kwamen zij toch tot de conclusie, dat Frankrijk het mooiste

Sluiten