Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Jeanne herinnerde zich niets van alles wat er gebeurd was en als een gehoorzaam kind sloot zij de oogen weer.

Toen zij na een langen, zwaren slaap ontwaakte, was zij te lusteloos en te onverschillig om over iets na te denken; zij deed niet eens haar best om zich iets van het gebeurde te herinneren en het was alsof zij vreesde, dat de afschuwelijke werkelijkheid weer tot haar hersens zou doordringen.

Op een morgen zag zij bij het ontwaken Julien alleen bij haar bed staan en plotseling, als met een enkelen slag, wist zij alles weer. Haar hart kromp ineen van pijn en opnieuw wilde zij vluchten. Met inspanning van al haar krachten sprong zij uit bed; maar haar beenen konden haar niet dragen en machteloos zakte zij ineen. Julien boog zich over haar heen; zij gilde luid, dat hij haar niet mocht aanraken. Als in waanzinnige angst wentelde zij zich op den grond heen en weer.

De deur ging open en tante Lison kwam" in de kamer met vrouw Dentu; daarop volgde de baron en eindelijk kwam hijgend en doodelijk ontsteld petite mère aanloopen.

Samen brachten zij de patiënte weer te bed en vastberaden sloot zij de oogen om niet gestoord te worden en op haar gemak te kunnen nadenken.

Haar moeder en tante Lison bleven bij haar om haar te verzorgen; zij sloofden zich uit en vroegen telkens: — Hoor je ons nu, Jeanne, lieveling ?"

Zij deed, alsof zij niets hoorde en gaf geen antwoord, hoewel zij alles opmerkte, wat er om haar heen gebeurde.

Dien nacht sliep zij niet; zij dronk veel en trachtte met uiterste inspanning van haar hersens zich den geregelden loop van het voorgevallene weer te binnen te roepen. Maar telkens ontglipte haar een schakel, alsof er leemten in haar gedachtenloop waren. Langzamerhand echter wist zij alles weer tot in de kleinste détails, en het gebeurde was haar geen oogenblik meer uit de gedachten.

Zij moest wel héél erg ziek geweest zijn, want petite mère, tante Lison en papa, alle drie waren ze gekomen. Maar

Sluiten