Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Rosalie liet de handen zakken, vouwde ze met een smeekend gebaai en antwoordde, eerst haperend, daarna steeds vlugger:

— Wanneer? ... Op dien dag, toen hij hier voor 't eerst heeft gedineerd, kuste hij mij 's avonds, bij het weggaan. En later weer . . . telkens weer en . . . och, mevrouw het is vanzelf zoo gekomen. Ik heb hem niets kunnen weigeren, want ik vond hem zoo knap!"

Eerst nu scheen Jeanne te begrijpen. —> Dus is hij de vader van je kind?" Rosalie snikte.

— Oui Madame," klonk het bijna fluisterend. Niemand sprak een woord. Zelfs het snikken van Rosalie

en de barones klonk onhoorbaar. Ook over Jeanne's wangen rolden dikke tranen.

Het kind van haar dienstbode had denzelfden vader als het hare! Zij voelde geen boosheid meer, slechts wanhoop, diepe wanhoop had zich van haar meester gemaakt. En met zachte, door tranen verstikte stem, sprak zij:

— En toen wij terugkwamen van . . . van onze huwelijksreis . . . wanneer is het toen weer begonnen?"

— Dienzelfden avond is hij gekomen!"

Elk woord was een steek in Jeanne's hart. Dus reeds dienzelfden dag, toen ze pas weer in „les Peuples" teruggekeerd waren, had hij haar bedrogen met de dienstbode . . .

Zij wist nu genoeg; niets verlangde zij verder te vernemen.

— Ga heen, Rosalie!" klonk het op ernstigen, strengen toon. Maar het meisje bewoog zich met. Toen verzocht Jeanne haar vader:

— Papa, breng haar weg!"

Nu echter vond de pastoor, die nog geen enkel woord gesproken had, dat voor hem het juiste oogenblik was gekomen, om een kleine boetpredikatie te houden.

— Het is heel slecht, wat je gedaan hebt, mijn kind, heel slecht en de goede God zal je niet gemakkelijk vergiffenis schenken. En als je je voortaan niet goed en braaf gedraagt, wacht je stellig en zeker het hellevuur! Nu je een kind hebt,

Sluiten