Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

bleef even onopgemerkt als haar bezoek dat was geweest.

Op een mooien avond kwam de pastoor een visite maken en met iets geheimzinnigs, alsof hij een verrassing had, vroeg hij de barones en haar echtgenoot alleen te mogen spreken. Langzaam wandelden zij met hun drieën naar het eind van de allee, in levendig gesprek, terwijl Julien, die met Jeanne was achtergebleven, zich verbaasd en ongerust afvroeg, wat dit te beteekenen kon hebben.

Toen de pastoor vertrok, vergezelde hij hem tot aan de kerk, waar juist het Angelus werd geluid.

De baron, petite mère en Jeanne zaten rustig bijeen in den salon, toen Julien terugkwam. Zonder zich aan Jeanne's aanwezigheid te storen, schreeuwde hij zijn schoonouders toe:

— Bent u allebei krankzinnig geworden om voor die meid twintigduizend francs weg te smijten?"

Niemand antwoordde en bevend van woede vervolgde hij:

— li maakt op die manier, dat wij zelf geen sou overhouden !"

Met moeite zijn kalmte bedwingende, antwoordde de baron:

— Zwijg! Je schijnt te vergeten, dat je spreekt in tegenwoordigheid van je vrouw!"

Maar met een honend lachen vervolgde Julien:

— Daar heb ik maling aan, zij weet best, waar het om gaat en bovendien besteelt u haar in haar rechtmatige bezittingen."

Met verbaasde blikken stamelde Jeanne:

— Wat beteekent dit alles?"

Julien ging vlak voor haar staan en, in haar een bondgenoote ziende, waar het hun toekomstig erfdeel betrof, vertelde hij haar van het plan om Rosalie uit te huwelijken en om haar als bruidsschat de Barville te geven, die een waarde vertegenwoordigde van mmstens twintigduizend francs. En weer schreeuwde hij: — Maar je ouders zijn gek, stapelgek! Twintigduizend francs! Zij hebben hun verstand verloren. Twintigduizend francs voor een bastaard!"

Verbaasd luisterde Jeanne. Zij begreep zelf niet hoe het

Sluiten