Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

hij zijns weegs, omdat hij den geestelijke niet wenschte te groeten of te spreken. Jeanne smeekte nog eens:

„Geef mij een paar dagen, monsieur l'abbé, en kom dan nog eens op het kasteel terug. Dan zal ik u vertellen, wat ik heb kunnen doen om daarna verder in overleg met u te handelen." *

Zij hadden nu de groep kinderen bereikt en de pastoor drong tusschen hen in om te zien wat hun belangstelling opwekte.

In het hok van Mirza hadden juist eenige kleine hondjes het eerste levenslicht aanschouwd. Vlak vóór het hok lagen er vijf om de moeder heen, die haar jongen vol teederheid iikte. Met halfluide stemmen, als om de kleine, hulpelooze wezentjes niet te doen schrikken, uitten de kinderen hun bewondering voor de mooie diertjes. Ze hielden elkaar op eerbiedigen afstand van Mirza en haar kroost bij de handjes vast en genoten van het tooneeltje, zonder dat een enkele onreine gedachte in hun jeugdige hersentjes opkwam. Voor hen was de geboorte der jonge beestjes niets anders dan het afvallen der rijpe appelen en peren.

Pastoor Tolbiac bleef een oogenblik vol ontzetting staan; toen scheen een plotselinge woede in hem op te komen en met zijn groote, zware parapluie joeg hij de kinderen onder het uiten van allerlei bedreigingen en scheldwoorden uit elkaar. De jongens en meisjes holden verschrikt naar huis en hij stond nu vlak voor het moederdier, dat zich trachtte op te richten alsof het gevaar voor haar jongen vreesde. Hij het het beest echter geen tijd om overeind te komen en als krankzinnig van drift sloeg hij met zijn regenscherm. Het arme dier, dat niet kon vluchten, hief een akelig gehuil aan en kromde zich onder de meedoogenlooze slagen. De parapluie brak in tweeën en het zieltogende beest kermde nog slechts even hoorbaar. Een laatste trap met den zwaren schoen van pastoor Tolbiac maakte een eind aan het lijden van Mirza, wier kleine, blinde kindertjes met hun kleine snuitjes de moederborst zochten.

Sluiten