Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

„Hij weet alles! Wat zal hij nu doen? O, als hij ze maar niet vindt P

Het was haar onmogelijk, hem in te halen en hij luisterde niet naar haai. Zonder aarzelen ging hij op zijn doel af, door de weilanden en over de breede gracht, in de richting van de steile kust.

Op een kleinen heuvel staande, volgde Jeanne hem zoolang mogelijk met haar blik; toen keerde zij angstig naar huis terug.

Hij had den weg naar rechts ingeslagen en liep voort met versnelden pas. Hij hoorde niet het woeste geluid van de onstuimige zee; hij wierp geen enkelen blik naar den donkeren hemel, waar dikke, zwarte wolken zich opstapelden.

De wind huilde en zwiepte de lange grashalmen onmeedoogend heen en weer en groote, witte zeevogels werden machteloos voortgedreven naar het land.

Daarginds, vóór hem, lag de vallei van Vaucotte. En er was niets in den omtrek te zien dan een kleine herdershut, die boven op een eenzame rots stond; aan de boomen van het rollende huisje waren twee paarden vastgebonden. ) Bij dit noodweer was immers niets te vreezen ....

De graaf ging op handen en voeten voort, totdat bij, langs de helling, de eenzame hut had bereikt. Hij kroop onder het houten gebouwtje om niet door een kier tusschen de planken te worden opgemerkt.

De paarden hadden hem gezien en werden onrustig. Met zijn. zakmes sneed hij voorzichtig de teugels door.

Als een pijl uit de boog snelden de dieren weg, aangevuurd door den scherpen wind, die het lichte gebouwtje deed trillen op zijn hooge wielen.

De graaf kwam weer te voorschijn en richtte zich op zijn knieën op. Hij drukte zijn oor tegen een reet en keek naar binnen.

Hij bewoog zich niet en scheen te wachten. Plotseling stond hij op; met een woeste beweging schoof hij den grendel voor de deur; hij nam de boomen van den wagen in zijn gespierde handen en met uiterste krachtsinspanning

Sluiten