Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

billijk dat de rechtsgelijkheid eindelijk in de praktijk een feit worde.

En waarom mogen we niet nalaten het onderwijs een eerste plaats te geven onder de landsbelangen, die ons op het harte wegen? Vooreerst, omdat we gelooven dat de geestelijke dingen zwaarder wegen dan de stoffelijke en we niet een achterlijke, onontwikkelde, maar een goed onderwezene, voor den wedloop der beschaving wèl toegeruste natie wenschen. Na den oorlog zal dit dubbel klemmen; vooral wat betreft het technisch of ambachtsonderwijs, waarin we veel zullen hebben in te halen. Hierbij komt als tweede drangreden om het onderwijs op den voorgrond te stellen, onze overtuiging dat onderwijs en opvoeding een godsdienst igen grondslag moeten hebben, zullen ze land en volk tot zegen zijn. Ook willen we onze kinderen opvoeden als Nederlanders, niet als wereldburgers, die evengoed elders een toevallig vaderland zouden kunnen hebben. We mogen dus geen vrede hebben met een onderwijs, dat den band met het verleden losmaakt of niet heilig houdt. Pone custodes apud fontes zeggen we met een wijze spreuk, die hier vooral toepasselijk is.

Op dit oogenblik is op dit gebied de hemel zeer verhelderd. Met medewerking van alle partijen is de geldelijke gelijkstelling van openbaar en bijzonder onderwijs in de Grondwet opgenomen en wacht slechts in de aanstaande nieuwe Schoolwet op de uitvoering in de praktijk. Dankbaar mag dit als vrucht van den jarenlangen schoolstrijd worden verklaard. Alleen mag niet worden vergeten, dat de ondervinding geleerd heeft dat de betaling van de kosten van het onderwijs niet aan de gemeenten mag worden toevertrouwd. Slingerende tusschen verspillende mildheid en onverantwoordelijke schrielheid hebben vele gemeentebesturen getoond de vereischte bevoegdheid daartoe te missen. Aan lagere motieven als partijdigheid en gebrekkig inzicht in de zaak mag de volksopvoeding niet worden opgeofferd. Daarom moet het onderwijs in zijn vollen omvang tot Rijkszaak worden bevorderd.

De Wet op de Leerplicht was een brief aan een verkeerd adres bezorgd. Hij had alleen aan nalatige ouders geadresseerd moeten zijn. Dwang is geen zielkundig middel om de ouders belangstelling in het onderwijs hunner kinderen in te boezemen. De leerplicht moet daarom uit onze wetgeving worden geweerd. En wat de gelijkstelling betreft zij nog opgemerkt, dat, zal die geen doode letter worden, het beginsel ook op het middelbaar en hooger onderwijs moet worden toegepast. Ook daar is de ge-

Sluiten