Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

De klassenstrijd van het moderne proletariaat vereist de organisatie en de scholing der arbeidersklasse voor dat doel. Deze organisatie beweegt zich op het terrein van het bedrijfsleven (vakbeweging en koöperatie), op het terrein van het staatkundig leven (politieke arbeidersklassebeweging) en op het terrein van het geestelik leven (arbeidersontwikkeling in iedere richting).

Deze drie organisatie-onderdelen vormen tezamen de algemene organisatie der arbeidersklasse voor en in de klassenstrijd en hebben de gemeenschappelike taak van scholing van het proletariaat voor die strijd en van zijn opvoeding tot zijn toekomstige taak van leider en beheerser der maatschappij. De vakbeweging, zich onmiddellik aansluitende aan het arbeidersleven van elke dag en op dat leven onmiddellik inwerkende met haar eisen en haar resultaten, is dientengevolge in de regel de eerste organisatie, waarin de tot de proletariese klassenstrijd gedreven arbeider zich laat opnemen en zich tuis gevoelt. Tot deelneming aan de koöperatie komt hij doorgaans eerst later, omdat het inzicht in de betekenis der koöperatie als maatschappelike bedrijfsvorm en voor de verzekering van de hoedanigheid, het goede gewicht en de niet te hoge prijs der waren eerst verkregen kan worden door enige meer uitgebreide studie van het maatschappelike leven. In de politieke arbeidersklassebeweging komt hij eveneens eerst zodra door nadenken en studie het inzicht in de oorzakelike samenhang tussen ekonomiese, maatschappelike en staatkundige ontwikkelingsbeweging door hem is verkregen. Van daar dat het aantal georganiseerden in de vakbeweging veel groter is dan het aantal van hen, die zich in de koöperatie en de politieke organisatie der arbeidersklasse hebben verenigd 1). — Wat de organisatie der arbeidersklasse op het terrein van het geestelik leven betreft, deze beoogt zoowel de geestelike scholing voor de klassenstrijd als de voldoening der persoonlike geestelike levensbehoeften en de inhaling van de achterstand in geestelike ontwikkeling, die het gevolg is van de onderdrukkingsmaatregelen der bezittende klasse. Op dit terrein is de arbeidersklasse-organisatie nog zwak: de arbeidsdag van de arbeider is te lang, zijn loon is te laag, het benodigde onderwijs en het begeerde geestelik genot zijn te duur. De erkenning dat ook een arbeider een mens is en als zodanig ook een geestelike aanleg heeft, geschikt voor

') In het begin van 1918 telde het Ned. Vak-Verbond 170000 leden, de S. D. A P. 30000.

Sluiten