Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ontwikkeling en vragende om verzorging, moet nog door de arbeidersklasse op de heersende klasse worden veroverd: de laatste maakt nog een vrijwel onbeperkt gebruik van haar heersersmacht om de arbeiders zoveel mogelik de gelegenheid voor volle vrije geestelike ontwikkeling te onthouden en te benemen. Voor de buitengewóón-begaafden uit deze klasse wil zij nog wel wat doen: die kan zij best gebruiken en die leveren met hun geringe aantal geen gevaar voor haar onderdrukkersmacht op. Maar zij denkt er niet aan, de geestelike ontwikkelingsvoorwaarden der gehele arbeidersklasse aan die harer eigen klasse gelijk te maken.

Het doel van de proletariese klassenstrijd is de vernietiging van de onderdrukkingsmacht der bezittende klasse en de vestiging van een maatschappij, waarin geen onderdrukkende en geen onderdrukte klassen meer bestaan. M. a. w. hij wil een einde maken aan de mogelikheid, dat de maatschappij zich verdeelt in een heersende klasse, die zichzelve alle beschikbare materieele en geestelike welvaart verstrekt, en een overheerste klasse, aan wie de heersende klasse van de beschikbare welvaart niet meer toebedeelt dan nodig is om haar ondergang en haar volslagen verwildering te voorkomen. En hij wil een samenleving vestigen, waarin alle mensen op grond van aller gemeenschappelik belang de grootst mogelike materieele en geestelike welvaart voortbrengen en die volledig ter beschikking stellen van, allen zonder onderscheid. De grote verschillen in persoonlike aanleg en dientengevolge in persoonlike levensbehoeften en -begeerten zullen zich dan eerst in hun volle waarde voor de gehele samenleving en de enkele mens kunnen doen gelden, en zullen dan op grond van aller gemeenschappelik belang bij ieders vrije ontwikkeling de maatschappelike arbeidsverdeling bepalen.

De arbeidersklasse heeft in haar organisatie een krachtig wapen in haar strijd. Dat wapen gebruikt zij niet willekeurig en die strijd voert zij niet onder invloed van het toeval. In haar „Geschiedenis van de proletariese klassenstrijd" geeft henriette Roland holst de volgende omschrijving: „Onze taktiek zowel als onze teorie berusten in de meest uitgebreide zin van het woord op ervaring, d. w. z. zij worden niet bedacht in ons hoofd, zonder verband met <le werkelikheid, maar afgeleid uit de kennis van een groot aantal feiten in de tijd en de ruimte. En hoe beter wij op de hoogte zijn van de ontwikkeling van de maatschappij en van de ontwik-

Sluiten