Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

VIII Het nationale standpunt van de Algemeene Staatspartij

Door onze tegenstanders is ons af en toe verweten dat wij niet zouden staan op een nationaal standpunt; dat wij een pro Entente partij zouden zijn, die oorlog zoekt met Duitschland. Dergelijke beweringen kunnen niet anders dan als laffe insinuaties gebrandmerkt worden, hetzij uitsluitend er op berekend om kiezers te vangen, of wel voortspruitende uit een gezindheid die een toekomstige aansluiting van Nederland bij Duitschland wenschelijk of onvermijdelijk acht.

Wij zijn allerminst oorlogzuchtig; niemand die het wel meent met Nederland kan wenschen dat ons land uitgemoord, platgebrand en leeggeroofd zoude worden, zooals dit met België het geval is geweest; dat wij in staat zouden zijn ons met goed gevolg tegen een aanval van een Duitsche legermacht te verdedigen moet zeer ernstig worden betwijfeld. Wij staan machteloos en moeten ons tandenknarsend heel veel willekeur en machtsmisbruik laten welgevallen. Maar dat is geen reden om de oogen dicht te knijpen, en ons ook niet te verzetten daar waar wel degelijk verzet mogelijk is, verzet tegen de voortwoekerende economische penetratie bijv. en verzet tegen de voortwoekerende verduitsching van onze wetenschap.

Wij zien in de geestesgesteldheid van de leidende Duitsche kringen een zeer groot gevaar voor ons toekomstig onafhankelijk volksbestaan. De wijze waarop een toekomstige annexatie van Nederland door leidende Duitsche politici, geschiedschrijvers, geleerden en journalisten telkens weer is besproken, laat geen twijfel over welke opvattingen hieromtrent bij onze Oostelijke buren heerschen. Of de Duitscher Nederland nu beschouwt als een landbouw- en handelsstaat, die zich in een afhankelijke positie ten opzichte van den aangrenzenden, machtigen, grooten industriestaat bevindt, of dat hij Nederland bekijkt als den bezitter van uitgestrekte koloniën die door Duitschland geëxploiteerd en verdedigd kunnen worden, of dat hij reeds onomwonden het denkbeeld verkondigt van een opname van Nederland in den grooten toekomstigen midden-Europeeschen Statenbond, in ieder geval is hij ervan doordrongen dat Nederland alleen bestaat bij de genade van Duitschland en ook alleen recht van bestaan heeft zoolang de belangen van het Duitsche rijk het aantasten van de Nederlandsche

Sluiten