Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

in het zicht waren, was het noodig dat de Unie zich uitsprak en ze deed dat op den straks genoemden 8 Februari 1908 door het aannemen met algemeene stemmen van de volgende motie:

„De Liberale Unie, van oordeel:

i°. dat definitieve oplossing van het Kiesrechtvraagstuk in Nederland evenals in de omliggende landen niet mogelijk is zonder aanvaarding van het stelsel van Algemeen Kiesrecht met wettelijke uitsluitingen;

2°. dat het thans bestaande Kiesrecht voor de 2de Kamer behoort te worden vervangen door eene regeling, waarbij op de kiezerslijsten worden gebracht:

a. alle mannelijke Nederlanders, die ingezetenen zijn en den leeftijd van 23 jaar hebben bereikt, voor zoover zij niet door de Wet van het stemrecht zijn uitgesloten;

b. alle vrouwelijke ongehuwde Nederlanders, die ingezetenen zijn en den leeftijd van 25 jaar hebben bereikt, voor zoover zij niet door de Wet van het stemrecht zijn uitgesloten;

3°. dat door de Wet van het Kiesrecht behooren te worden uitgesloten:

a. zij, die tot de doorloopend bedeelden behooren;

b. zij, die bij onherroepelijk geworden rechtelijke uitspraak, de beschikking of het beheer over hunne goederen hebben verloren;

c. zij, die bij onherroepelijk geworden rechtelijke uitspraak, ter zake van het plegen van een strafbaar feit, ontoerekenbaar zijn verklaard;

d. zij, die als krankzinnigen of idioten in een gesticht verpleegd worden;

e. zij, die bij onherroepelijk geworden rechtelijke uitspraak tot gevangenisstraf van minstens één jaar veroordeeld zijn;

ƒ. zij, die bij onherroepelijk geworden rechtelijke uitspraak veroordeeld zijn wegens landlooperij en bedelarij;

Sluiten