Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

de levensvoorwaarden en de toekomstige ontwikkeling van alle natiën en burgers.

Niemand mag zich afwenden van de idealen, die de karakters vormen en de lotgevallen der volkeren leiden. Karakter en beschaving kan men niet verkrijgen door op anderen te steunen; zij eischen persoonlijken inzet en persoonlijke ontwikkeling. Hij, die zich onthoudt in den strijd vóór het recht, is tegen het recht.

De plicht van onzijdig te zijn wordt derhalve afgebakend door den sterkeren rechtsplicht van nationaal te zijn en beide worden weder door den aóg sterkeren rechtsplicht van mensch te zijn, begrensd. En bij rechtsvragen is een kleinere mogendheid sterker geïnteresseerd dan een groo.te.

Want wie op zijn macht kan vertrouwen, zal het recht van de macht willen doen gelden; wie gebukt gaat onder machteloosheid, zal zich genoopt zien steun te zoeken bij de macht van het recht. Daarom wordt aan het recht eer te kort gedaan door den sterke, terwijl de handhaving van het recht in de wereld de roeping van den zwakkere is geworden.

Kleine staten hebben zoodoende reeds op grond hunner .machteloosheid gemeenschappelijke belangen tegenover groote mogendheden, welke leiden tot gemeenschappelijke vaststelling hunner onzijdigheidsplichten. *

Het wordt dus voor de onzijdigen plicht te trachten het recht te handhaven. Vóór alles mogen zij niet een politiek voeren, die hen in dienst stelt eener oorlogspartij, die het volkenrecht schendt en aldus den rechtsverkrachter steunt in het begane onrecht. Zij mogen het onrecht niet dienen. Want daarmede valt hun eigen laatste bolwerk tegen het geweld: de heiligheid van het recht. Deze gemeenschap van belangen der kleine staten eischt een daaraan beantwoordende gemeenschap in hun staatkunde. Derhalve wordt het noodzakelijk zich rekenschap te geven van de volgende vragen: welke belangen verbinden deze noordelijke staten ? welke scheiden hen van elk der beide groepen van mogendheden: de Middenstaten en de Entente? Volkenrechtelijk. Nationaal. Staatkundig. Ten opzichte van beschaving en in economisch opzicht Deze vragen stellen andere volken zich thans Wij doen het met hetzelfde recht.

Het is dan ook niet de bedoeling hier een uiteenzetting van lijdelijke onzijdigheid te geven, ons onderzoek streeft naar andere idealen. Het wil objectief zijn. Maar objectieve waarheden zijn zelden onzijdig. Voorts wil het nationale belangen hooghouden. Het is echter niet onverschillig voor onze natie, welke partij zegevieren zal. Wij behoeven in dit opzicht geen rekening te houden met wenschen van anderen, onze eigen belangen gaan hier vóór. Öok zijn wij slechts verplicht onzijdig te blijven, zoolang de oorlogvoerenden onze rechten als onzijdigen eerbiedigen. Geen slaafschheid! Wij behoeven nog niet het lot te dragen van een onderdrukt volk. Nog niet. En als wij het waren, dan zou het onze plicht zijn het juk te verbreken en ons zelf een betere toekomst te scheppen. Zijn wij op het punt van onderdrukt

Sluiten