Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

waar dus om een van de bovengenoemde redenen begeerd wordt, dan wordt een „openbare veiling" gehouden. Op deze openbare veiling wordt niet hooger geboden dan... onderhands afgesproken is. Achter de koopers staat namelijk de Engelsche overheid zelf. Intusschen heeft de eigenaar van het goed in het onzijdige land in spanning verkeerd. Voordat de veiling gehouden wordt, heeft men hem gewoonlijk psychologisch „murw" gemaakt; men heeft hem omringd met Engelsche vriendelijkheid, in weerwil van de vertragingen, bedreigingen metalgeheele inhouding van het goed, omdat het bedekte contrabande heette te zijn enz., en zoo neemt hij ten slotte het bedrag aan, dat hij van de „veiling" kan krijgen en schrijft zijn verlies af. — Engelsche zakenmenschen hebben samen met den Engelschen staat op deze wijze schitterende zaken gemaakt; Noorsche, Deensche, Zweedsche en Nederlandsche zakenmenschen groote verliezen geleden.

Maar, hiermede is de zaak nog niet uit: door dit stelsel komt Engeland volledig op de hoogte van de beste wijze van inkoop en verkoop van waren.

Het verzekert zich verder van de plaats als tusschenpersoon bij den handel in de toekomst; het knoopt de draden van den wereldhandel samen en haalt alle bruikbare „verbindingen" naar zich toe. Hierin ligt wel de allergrootste beteekenis van den afgedwongen onzijdigen „doorvoerhandel ' over Engeland, omdat dit voordeel van Engeland niet van korten duur zal zijn, niet alleen tijdens den oorlog bestaat, maar ook daarna voortduren zal. Onze eigen overzeesche handel ging gedurende langen tijd voornamelijk over Londen. In de laatste decenniën waren wij op den goeden weg ons door rechtstreeksche verbindingen vrij te maken. Het zal spoedig blijken, hoevele van deze wij ten voordeele van Engeland hebben verloren. — Door Joseph Chamberlain's tariefplannen, die Engeland weder heeft opgevat, en die nu de geheele Entente van Rusland tot Monaco, — en vermoedelijk ook de Vereenigde Staten van Noord-Amerika zullen omvatten, wordt het Britsche handelsdespotisme tot een georganiseerd stelsel verheven, waarvan nauwelijks iemand de volle beteekenis vermag te overzien, maar waarvan het gevaar voor de economische vrijheid van eiken staat volkomen zeker is.

Bij het commercieele imperialisme komt eindelijk nog het f inancieele imperialisme van het Britsche rijk: Londen is reeds sedert langen tijd het centrum der wereldfinanciën geweest. Gedurende den oorlog is deze toestand in Europa nog versterkt. Deze oorlog heeft in zekere opzichten voor Engeland economisch een gunstiger verloop gehad dan de oorlogen van vroegere eeuwen. Toen moest het vaak troepen huren en aan zijn bondgenooten subsidies betalen. Thans is het zoo slim geweest de oorlogspartijen in de betrokken landen zelve aan de regeering te brengen, en is het er afgekomen met eenige honderden millioenen voor omkooperij: b.v. in Italië, Roemenië, Pörtugal, en voor Venizelos. En deze uitgaven heeft het nog bovendien met Rusland, Frankrijk en Monaco kunnen deelen. Wat het overigens heeft gegeven, gaf het in den vorm van leeningen tegen hooge rente en dat was dus een zuiver financieele transactie. Bovendien heeft het om zijn crediet zeker te stellen in alle

Sluiten