Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

wereld is of kan worden." Dit wat betreft den afstand van de wereldmarkt en het wereldverkeer van de open zee en Rusland's belang bij een goede haven "aan die zee.

De pijnlijke toestand van Rusland is eindelijk gedurende den oorlog kritiek geworden. Dat was, toen Denemarken zijn toegangen voor het verkeer afsloot. Daardoor is Rusland in de Oostzee ingesloten, en zijn bondgenooten kunnen er niet in komen. En daarmede is Rusland ter zee prijsgegeven aan Duitschland. Duitschland beheerscht de Oostzee. Als Rusland aan den Atlantischen oceaan grensde, zou zijn verkeer met de buitenwereld niet tot stilstand gebracht kunnen zijn door Duitsche onderzeebooten, al zou het ook belemmerd zijn. De oorlog zou waarschijnlijk een ander verloop gehad hebben, als Rusland een uitweg naar den Atlantischen oceaan gehad had, en een nieuwe oorlog zou waarschijnlijk anders uitvallen, ingeval Rusland dien mocht krijgen.

Hiernaar kan het belang, dat Rusland bij het bezit van noordelijk Noorwegen zou hebben, worden afgemeten. „Dagsposten" te Drontheim bevatte dan ook den 22s,en Maart 1916 een artikel met de vraag, of Rusland het voornemen had noordelijk Noorwegen te koopen. De vraag werd niet gedaan zonder reden: Het is geen geheim, dat in politieke kringen van Rusland plannen hebben bestaan zich op die wijze een uitgang naar den Atlantischen oceaan te verschaffen.

3°. Maar Engeland?

Toen Frankrijk en Rusland bondgenooten werden, ontstond er een gevaar in de flank voor Scandinavië; en dit gevaar in de flank is een omvatting geworden, toen Engeland zich in 1904 met Frankrijk en in 1906 met Rusland verbond. Later is de omvatting nog vollediger geworden; Engeland versterkte in de latere jaren de Shetlandseilanden en de Orkneyeilanden zeer en richtte daar sterke vlootstations in (Scapa Flaw, Kirkwall, Lerwick). Het doel was duidelijk voor allen, die eenig idee van wereldpolitiek hebben. Gedurende dezen oorlog heeft het de Noordzee afgesloten. Thans wil het de Alandseilandeh pachten. Beide westelijke mogendheden vreezen Rusland. Maar de vrees in de richting noord is niet dezelfde als in de richting zuid. De expansie naar het westen en het noordwesten toe is voor hen niet gevaarlijk; wel daarentegen Rusland's beweging naar het zuid^ westen en het zuiden toe. Daarom voerden zij den Krimoorlog en sloten Rusland op in de Zwarte Zee.

Om dezejfde reden verhinderde Engeland in 1878 den opmarsch naar Konstantinopel, en beroofde het Rusland van het gewichtigste resultaat van de overwinning op Turkije.

De redenen voor deze Engelsche politiek waren zeer eenvoudig en zeker goed: het was de vrees, dat Rusland zich tot Indië zou uitbreiden, en zoodoende Engeland uit dit rijke land zou verdringen. Deze redenen bestaan nog altijd; zij zijn nu echter, na 1878, met twee nieuwe vermeerderd: de belangen van Engeland in Egypte en Perzië.

Op het oogenblik is de toestand dus zóó, dat de belangen van Engeland lijnrecht ingaan tegen de Russische bij de Dardanellen, in Klein-Azië, Perzië en Indië. De tegenstelling is groot. Er is veel te

Sluiten