Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

er niet meer een eer in stellen klein te zijn: men moest niet meer spotten met het denkbeeld zijn nationaal leven te willen verdedigen, omdat daarin ijdelheid zou steken of eerzucht een rol in de wereldpolitiek te spelen. Het is niet te ontkennen, dat een aantal karakters in de noordelijke landen verslapt zijn door de machteloosheid; zoo gaat het gewoonlijk. Maar bij velen is de wil er juist door gestaald. Voor velen is het juist een tijd, waarin hun gespannen energie wordt opgespaard om, als de tijd daar is, in daden te worden omgezet.

Maar het uur heeft geslagen. Waarom is men niet verder gekomen dan eenige conferenties en gelijkluidende protestnota's, terwijl het toch zoo duidelijk is, dat voor de noordelijke landen in eendracht macht ligt. Waarom weerspiegelden deze protestnota's de machteloosheid van de kleine naties, en waarom trad men op als lijdende en duldende martelaar? Waarom versmaadden deze staten niet de kruimels bijeen te garen, die vielen van de tafel der grootmogende vheeren ? Waarom konden zij alleen verontwaardigd zijn, omdat zij niets van de kruimels van den oorlog konden krijgen, terwijl zij zich zonder eenig protest van beteekenis lieten berooven van het recht vrij handel te drijven onder den oorlog? Waarom hebben zij zelfs deze zware inbreuk op hun rechten en dat ingrijpen in hun machtssfeer geduld, waardoor zij zeiven „op rantsoen" werden gezet door een despoot, die daartoe het recht miste?

Hadden wij niet iets kunnen doen? Konden de oorlogvoerenden hout uit het noorden ontberen? Of Noorsche scheepsruimte? Metalen? Zwavelkies? Houtmassa ? Papier ? Hebben conserven en andere voedingsmiddelen uit het noorden niet een zekere waarde? enz. Als de noordelijke landen samen ten volle geldige volkenrechtelijke beginselen met ten volle volkenrechtelijke middelen hadden willen en durven handhaven, dan zou waarschijnlijk de oorlog uit kunnen zijn. Hadden zij kort en bondig verklaard: wij zetten allen handel met oorlogvoerenden of tusschen oorlogvoerende bondgenooten via onze Jlanden stop in goederen, die volgens de Londensche Declaratie als contrabande zijn te beschouwen, totdat de oorlog voorbij is, en wij willen de rechten gehandhaafd zien, die de Haagsche Conventie verder aan de onzijdigen schenkt, dan zouden wij hebben gehandeld in overeenstemming met de beste volkenrechtelijke moraal van de afgeloopen eeuw. Carranza, de president van Mexico, heeft dit voorgesteld. Wij zouden alles, wat wij noodig hadden, van Amerika hebben kunnen krijgen. De prijzen zouden hooger geworden zijn. Maar dat zou geen offer geweest zijn in vergelijking met den invloed, dien wij op den oorlog gehad zouden hebben. Wij zouden dien hebben verkort. Hadden wij tegelijkertijd aan de twee groepen van mogendheden te kennen gegeven, dat een aanval van de eene zijde tot gevolg zou hebben, dat wij ons gezamenlijk bij de andere aansloten, dan zouden beide partijen zich er wel voor gewacht hebben aan de andere dat voordeel te bezorgen. Gevaar zou het misschien meegebracht hebben. Is de positie thans zonder gevaar? Wij hadden het een of ander kunnen verliezen. Hebben wij thans niets verloren? Wij hadden ons misschien zelfs een en ander moeten laten

Sluiten